PAVEsense: Difference between revisions

From ASAsense Documentation (staging)
Gebruikershandleiding bijgewerkt naar versie 2.1 (24 september 2026): nieuw portaal, annotaties, meetdekking, ritten, export
Line 1: Line 1:
''Versie 2.1 – 24 september 2026 · Van toepassing op het portaal [https://portal.asasense.com portal.asasense.com]''
Deze handleiding helpt u om de wegkwaliteit in het '''PAVEsense'''-portaal van ASAsense ([https://portal.asasense.com portal.asasense.com]) te beoordelen en op te volgen. U leert resultaten opzoeken, maanden vergelijken, terreinkennis toevoegen met annotaties, meetdekking controleren en gegevens exporteren. De uitleg volgt de tabbladen '''Data table''', '''Map''', '''Export''' en '''Coverage''' van een meetgebied. De beschikbare gebieden en functies hangen af van uw abonnement en toegangsrechten.
== Inleiding ==
== Inleiding ==
[[Bestand:Roads AI - solution overview.svg|miniatuur|Schematische voorstelling van het ASAsense ''PaveSense -'' meetsysteem (eerder "Roads AI")]]
 
Het ''PaveSense'' - meetsysteem (eerder ''Roads AI)'' voor wegkwaliteit bestaat uit een vloot wagens waarbij sensorboxen zijn geïnstalleerd in de koffer van de wagens. De wegen die opgemeten moeten worden, worden bereden door de vloot tijdens dagelijks gebruik. Op deze manier bekomt het meetsysteem rolgeluids- en trillingsmetingen. Deze metingen worden beveiligd  en met respect voor privacy doorgestuurd naar het ASAsense datacenter en daar verwerkt. Uiteindelijk zijn klanten geïnteresseerd in kwaliteitsindicatoren van wegen om de staat ervan in kaart te brengen. Deze indicatoren worden via een kaart periodiek aangeleverd. De indicatoren worden in ''detail'' overzicht op 20m segmenten geplaatst en in ''road'' overzicht op grotere stukken weg afgebeeld.
[[Bestand:Roads AI - solution overview.svg|miniatuur|360px|Schematische voorstelling van het ASAsense PAVEsense-meetsysteem (eerder "Roads AI")]]
 
Het '''PAVEsense'''-meetsysteem (eerder ''Roads AI'') voor wegkwaliteit bestaat uit een vloot voertuigen waarin sensorboxen zijn geïnstalleerd. De wegen die opgemeten moeten worden, worden door deze vloot bereden tijdens het dagelijkse gebruik van de voertuigen. Op die manier verzamelt het meetsysteem rolgeluids- en trillingsmetingen. Deze metingen worden beveiligd en met respect voor de privacy doorgestuurd naar het ASAsense-datacenter en daar verwerkt.
 
Het resultaat zijn kwaliteitsindicatoren per wegvak waarmee de staat van het wegennet in kaart wordt gebracht. Deze indicatoren worden maandelijks bijgewerkt en via het portaal aangeboden op twee detailniveaus: per '''weg''' (van kruispunt tot kruispunt, in het portaal ''road'' genoemd) en per '''segment''' van circa 20 meter (''segment''). Naast het raadplegen van de resultaten laat het nieuwe portaal ook toe om '''annotaties''' toe te voegen (bijvoorbeeld een uitgevoerde herstelling of een gewijzigd wegdektype) en om de '''meetdekking''' van het gebied op te volgen.


== Kwaliteitsindicatoren ==
== Kwaliteitsindicatoren ==
Aan de basis van het meetsysteem ligt de premisse dat verouderde wegen zowel luider klinken als hardere trillingen veroorzaken. Aan het oppervlak van de weg kunnen we verschillende karakteristieke golflengtes identificeren. Dit gaat bijvoorbeeld om rafelingen en kleine putten tegenover het golven van de weg op grotere schaal. De trillings- en geluidsmetingen worden gecombineerd en worden in het frequentie domein verschoven naar gelang de snelheid van het voertuig. Dit kan goed gehoord worden als men per ongeluk over de pechstrook van de autostrade rijdt: de ribbels in de witte lijn van de pechstrook zorgen een bepaalde toonhoogte die duidelijk verandert naarmate men trager of sneller rijdt. De formule is frequentie=snelheid/(3.6 x lengte) waarbij frequentie in Hertz is, snelheid in km/h en lengte in meter is.
[[Bestand:ASAsense roughness scales.svg|miniatuur|ASAsense roughness scales]]
In deze optiek leveren we een selectie aan lengteschalen aan die interessant zijn in de analyse van de staat van de weg.


* '''Macro 1''' (8cm tot 20cm): een indicatie voor vroegtijdige degradatie van de toplaag. Rafelingen, delaminaties, lostliggende steentjes, ...
Aan de basis van het meetsysteem ligt de vaststelling dat verouderde wegen zowel luider klinken als sterkere trillingen veroorzaken. Aan het wegoppervlak kunnen verschillende karakteristieke golflengtes worden onderscheiden: van rafeling en kleine putten tot het golven van de weg op grotere schaal. De trillings- en geluidsmetingen worden gecombineerd en in het frequentiedomein verschoven naargelang de snelheid van het voertuig. Dit fenomeen kent iedereen die per ongeluk over de ribbelstrook van een autosnelweg rijdt: de toonhoogte verandert duidelijk naarmate men trager of sneller rijdt. De relatie is ''frequentie = snelheid / (3,6 × lengte)'', met de frequentie in hertz, de snelheid in km/u en de golflengte in meter.
* '''Macro 2''' (20cm tot 60cm): indicatie voor de iets verder gevorderde degradatie van de toplaag. Scheuren, putten, ...
* '''Mega 1''' (60cm tot 140cm): oneffenheden in de weg, die de rijervaring kunnen beïnvloeden. Denk hierbij aan grotere putten, spoorvorming, maar ook beperkte golvingen in de lengterichting van de weg
* '''Mega 2''' (140cm tot 3m): grotere oneffenheden in de weg. Diepe spoorvorming, langere golvingen, ...
* '''Waviness'''  (3m tot 5m): de langsvlakheid op grote afstand. Dit is voornamelijk van belang voor wegen waarop aan hoge snelheid gereden moet kunnen worden, zoals autosnelwegen.


Merk hierbij op dat er geen strikte scheiding tussen de schalen bestaat: veel defecten die zichtbaar zijn onder Macro2 zullen bijvoorbeeld ook hun weerslag hebben op Macro1 en Mega1, en omgekeerd. Maar de klassen die ver uit elkaar liggen zijn niet gelinkt: een rafeling in de toplaag zal zichtbaar zijn in Macro1, niet in Waviness.
[[Bestand:ASAsense roughness scales.svg|miniatuur|420px|De vijf lengteschalen (ruwheidsklassen) van PAVEsense]]


Voor bovenstaande indicatoren (Macro1 - Waviness) worden de waarden van een locatie worden vergeleken met de waarden van alle wegen die werden opgemeten op het laatste moment dat het kalibratiemodel voor jouw gemeente werd hertrained. Hierbij geeft men een 0 aan de vlakste weg en een 1 aan de ruwste / meest golvende weg in een bepaalde lengteschaal. Dit wordt ook wel de percentielen van een ''cumulatieve distributie'' genoemd in wiskunde. Dit laat toe om snel na te gaan welke wegen er slecht of goed aan toe zijn, relatief ten opzichte van de rest. Als alternatief is het ook mogelijk om de "noscaling" variant van de indicatoren te bekijken, waarbij deze normalisatie via percentielen niet is uitgevoerd. Dit kan handig zijn om waarden die binnen hetzelfde percentiel liggen in de relatieve schaal (bvb. beide 0.95) toch te vergelijken. Vooral bij waarden in de uiterste percentielen (relatieve waarde < 0.05 of groter > 0.95) kan er nog een groot verschil zichtbaar zijn in de "_noscaling" variant.
In die optiek rapporteert PAVEsense een selectie van lengteschalen die relevant zijn voor de analyse van de staat van de weg:


'''Opmerking:''' in ESRI shapefiles geldt een karakterlimiet van 10 tekens voor de parameters. Daarom werden de noscaling varianten hier aangeuid met "_ns" ipv "_noscaling".
* '''Macro1''' (8 cm tot 20 cm): een indicatie voor vroegtijdige degradatie van de toplaag – rafeling, delaminatie, losliggende steentjes, …
* '''Macro2''' (20 cm tot 60 cm): indicatie voor verder gevorderde degradatie van de toplaag – scheuren, putten, …
* '''Mega1''' (60 cm tot 140 cm): oneffenheden die de rijervaring beïnvloeden – grotere putten, spoorvorming, maar ook beperkte golvingen in de lengterichting.
* '''Mega2''' (140 cm tot 3 m): grotere oneffenheden – diepe spoorvorming, langere golvingen, …
* '''Waviness''' (3 m tot 5 m): de langsvlakheid op grote afstand, vooral van belang voor wegen waarop aan hoge snelheid gereden wordt.


Naast de bovenstaande 5 parameters rapporteren wij ook nog volgende geïnterpreteerde parameters:
Er bestaat geen strikte scheiding tussen de schalen: veel defecten die zichtbaar zijn in Macro2 hebben ook hun weerslag op Macro1 en Mega1, en omgekeerd. Klassen die ver uit elkaar liggen zijn echter niet gelinkt: rafeling van de toplaag is zichtbaar in Macro1, niet in Waviness.


* [[Bestand:Illustration of the IRI scales for different pavements.png|miniatuur|Illustration of the IRI scales for different pavements]]'''eIRI (estimated [[wikipedia:International_roughness_index|international roughness index]]):''' een internationale maat voor de ruwheid van de weg, voor zover deze invloed heeft op uw wagen. De ruwheid wordt hierbij uitgedrukt in het aantal mm dat de veringen van uw auto (of uw auto zelf) op en neer bewegen, per afgelegde rijafstand. Hoe hoger de IRI, hoe moeilijker de weg te bereiden wordt, en hoe lager de maximale snelheid waaraan nog gereden kan worden. Dit is een belangrijke maat voor de huidige kwaliteit van uw wegdek.
Voor de indicatoren Macro1 tot en met Waviness worden de waarden van een locatie vergeleken met de waarden van alle wegen die werden opgemeten op het moment dat het kalibratiemodel voor uw gebied het laatst werd getraind. De vlakste weg krijgt hierbij een 0 en de ruwste of meest golvende weg een 1 (de percentielen van een cumulatieve verdeling). Zo is snel te zien welke wegen er, relatief ten opzichte van de rest, goed of slecht aan toe zijn.
*[[Bestand:Speed-related IRI thresholds at different speeds suggested by Yu et al..png|miniatuur|Speed-related IRI thresholds at different speeds suggested by Yu et al.]]'''Driving Quality''': een geïnterpreteerde versie van de IRI, waarbij we de snelheid van de wagens correleren aan de IRI, en zo nagaan of de weg nog voldoet aan de gewenste functie. Hierbij hanteren we de tabel uit [[:Bestand:2020 IRI in taipe.pdf|het onderzoek van de National Taipei University of Technology]]. Voor de snelheid nemen we het 85-ste percentiel van alle metingen over een bepaald wegsegment (dus 85% van de wagens rijdt minder dan deze snelheid).
 
Naast deze vijf textuurindicatoren rapporteert PAVEsense ook de volgende geïnterpreteerde parameters:
 
* [[Bestand:Illustration of the IRI scales for different pavements.png|miniatuur|300px|Illustratie van de IRI-schaal voor verschillende wegdekken]]'''eIRI''' (''estimated International Roughness Index'', uitgedrukt in m/km): een internationale maat voor de ruwheid van de weg zoals die inwerkt op een voertuig. De ruwheid wordt uitgedrukt als de verticale beweging van de vering (in meter) per afgelegde kilometer. Hoe hoger de IRI, hoe oncomfortabeler de weg en hoe lager de snelheid waaraan nog comfortabel gereden kan worden. Dit is een belangrijke maat voor de huidige kwaliteit van het wegdek, inclusief de fundering. Op de detailpagina van een weg wordt naast het gemiddelde ook het 85e percentiel van de eIRI getoond (''eIRI (85th pct)'').
* [[Bestand:Speed-related IRI thresholds at different speeds suggested by Yu et al..png|miniatuur|300px|Snelheidsafhankelijke IRI-drempels volgens Yu et al. (National Taipei University of Technology)]]'''Driving Quality''': een geïnterpreteerde versie van de eIRI waarbij de gereden snelheid aan de IRI wordt gekoppeld om na te gaan of de weg nog voldoet aan haar functie. Hiervoor wordt de tabel uit het onderzoek van de National Taipei University of Technology gebruikt. Als snelheid geldt het 85e percentiel van alle metingen op het wegvak (85 % van de voertuigen rijdt trager dan deze snelheid). De klassen zijn ''Very Good'', ''Good'', ''Fair'', ''Mediocre'' en ''Poor''.
* '''Reference speed''' (referentiesnelheid): het 85e percentiel van de gemeten rijsnelheden op het wegvak, in km/u. Deze snelheid wordt gebruikt bij de bepaling van de Driving Quality en is op zichzelf een nuttige indicatie van het gebruik van de weg.
* '''Surface Type''' (wegdektype): het type verharding – ''asphalt'', ''concrete'', ''brick'', ''cobblestone'' of ''other''. Het wegdektype wordt automatisch '''geschat''' uit de metingen. Zolang deze schatting nog verandert tussen opeenvolgende meetronden, toont het portaal het label <span style="background:#e5e7eb;border-radius:3px;padding:0 5px;font-size:0.8em;font-weight:600;">ESTIMATE</span>. Via een annotatie van het type ''Surface'' kan u het wegdektype zelf vastleggen. De geldende annotatie heeft voorrang op de schatting en wordt op de detailpagina aangeduid met <span style="background:#e5e7eb;border-radius:3px;padding:0 5px;font-size:0.8em;font-weight:600;">ANNOTATED</span>. Een actuele annotatie kan afwijken van het wegdektype in een maandrapport; zie [[#Actueel wegdektype en maandrapport|Actueel wegdektype en maandrapport]].
* '''Authority''' (wegbeheerder): de instantie die de weg beheert (bijvoorbeeld de stad of gemeente, het Agentschap Wegen en Verkeer of een privé-eigenaar). Hiermee kunnen de resultaten beperkt worden tot de wegen waarvoor u zelf verantwoordelijk bent.


Wij raden aan om in eerste instantie te focussen op:
Wij raden aan om in eerste instantie te focussen op:


*Macro2 voor het prioriteren van het onderhoud van de toplaag
* '''Macro2''' voor het prioriteren van het onderhoud van de toplaag;
*Driving Quality / IRI voor het prioriteren van het volledig onderhoud (inclusief funderingswerken)
* '''Driving Quality''' / '''eIRI''' voor het prioriteren van het volledige onderhoud (inclusief funderingswerken).
 
== Convergentie ==
 
De resultaten worden per maand aangeleverd. De maand (bijvoorbeeld ''2026-09'', zichtbaar in het portaal als ''Last results'') geeft aan tot wanneer de metingen in beschouwing werden genomen. De metingen van de afgelopen maand worden altijd meegenomen, maar voor wegvakken die in die maand onvoldoende bereden werden, kunnen ook oudere metingen worden gebruikt.
 
Voor de textuurindicatoren Macro1 tot en met Waviness geldt hiervoor het volgende '''convergentiecriterium''':
 
* beschouw enkel metingen met een rijsnelheid tussen 20 km/u en 130 km/u;
* neem minimaal de metingen van de afgelopen 30 dagen in rekening;
* indien in deze periode minstens 2 metingen met minstens 2 verschillende voertuigen gebeurden, ga na of
** de snelheid minder dan 30 % verschilt van de 85e-percentielsnelheid;
** de standaardafwijking van het geluidsniveau in bepaalde frequentiebanden kleiner is dan 4 dB;
** de standaardafwijking op de 1 m-band kleiner is dan 4 dB (deze lengteschaal komt overeen met laagfrequent geluid, afhankelijk van de gereden snelheid);
* is het criterium niet bereikt, neem dan ook eerdere metingen in beschouwing tot het criterium wél bereikt is. De maximale leeftijd van een meting is hierbij 500 dagen (voor erg weinig bereden straten).
 
Voor de eIRI worden dezelfde passages geselecteerd als voor de textuurindicatoren; het gemiddelde van de eIRI over die passages wordt als eIRI-waarde van de locatie gerapporteerd. Uit onderzoek blijkt dat dit de beste correlatie met referentiemetingen geeft.
 
Ook niet-geconvergeerde resultaten worden aangeleverd, maar deze zijn gevoeliger voor ruis en toevallige gebeurtenissen (een tak op de weg, een voertuig dat even over de berm rijdt om een tegenligger te kruisen, …). In het portaal is de convergentiestatus op drie plaatsen zichtbaar:
 
* op de kaart kan gefilterd worden op '''SCCR converged''' (de convergentie van de textuurindicatoren Macro1–Waviness) en op '''Surface converged''' (de schatting van het wegdektype is stabiel);
* op de detailpagina van een weg of segment staat bij ''Texture measured'' en ''eIRI measured'' het label <span style="background:#e5e7eb;border-radius:3px;padding:0 5px;font-size:0.8em;font-weight:600;">ESTIMATE</span> zolang de betreffende resultaten nog niet geconvergeerd zijn;
* bij het automatisch geschatte wegdektype staat hetzelfde label zolang de schatting nog niet stabiel is. Is een ''Surface''-annotatie van kracht, dan toont de detailpagina <span style="background:#e5e7eb;border-radius:3px;padding:0 5px;font-size:0.8em;font-weight:600;">ANNOTATED</span>. Dit bevestigt een annotatie van het wegdektype, niet de convergentie van de meetwaarden.
 
== <span id="Automatische_kalibratie"></span>Automatische kalibratie en termijn voor nieuwe data ==
 
Na de installatie van een sensor in een meetvoertuig worden onmiddellijk en zonder enige tussenkomst van de gebruiker of bestuurder metingen verzameld. Niet alles kan echter meteen verwerkt worden.
 
Voor de schalen Macro1 tot en met Waviness moeten de gegevens eerst gekalibreerd worden met andere metingen op dezelfde locaties. Dat gebeurt automatisch, maar vereist voldoende overlappende metingen (een tienduizendtal). Reken op een drietal maanden. Vanaf de vierde maand ontvangt u de verwerkte meetgegevens van deze sensoren, met terugwerkende kracht: ook de eerder opgemeten maanden worden dan bijgewerkt met de gekalibreerde gegevens.
 
De eIRI en de Driving Quality worden rechtstreeks berekend uit de opgenomen trillingsgegevens. Hiervoor is geen kalibratie nodig: deze indicatoren kunnen al na de reguliere verwerking beschikbaar zijn, zonder de kalibratieperiode voor de textuurindicatoren af te wachten.
 
== Het portaal ==
 
Open uw meetgebied via '''PAVEsense → Areas'''. Wilt u een straat beoordelen, zoek die dan in '''Data table''' en open de detailpagina. Gebruik '''Map''' voor een ruimtelijk overzicht, '''Coverage''' om te zien waar de meetvloot gereden heeft en '''Export''' om de gegevens verder te analyseren.
 
=== Aanmelden en navigatie ===
 
Meld u aan op [https://portal.asasense.com portal.asasense.com] met het e-mailadres en het wachtwoord die u van ASAsense ontving. Via ''Forgot password'' kan u een nieuw wachtwoord aanvragen; via ''Remember me for 30 days'' blijft u aangemeld op uw toestel.
 
Na het aanmelden vindt u in de donkere '''zijbalk''' links de rubriek '''PAVEsense''' met daaronder ''Areas'' (uw meetgebieden). Klik op de naam van een gebied om het te openen; hebt u toegang tot meerdere gebieden, dan staan ze hier allemaal opgelijst. De zijbalk kan met de pijltjes bovenaan worden in- en uitgeklapt om meer ruimte te maken voor de kaart of tabel. Verder bevat de zijbalk:
 
* '''User Profile''': uw naam, e-mailadres en de mogelijkheid om een nieuw wachtwoord in te stellen (vul ''New Password'' in en klik ''Save'');
* '''Documentation''': een link naar deze documentatie;
* '''Logout''': afmelden.
 
Ook '''Devices''', '''Vehicles''', '''Trips''', '''Device Handlings''', '''Interventions''' en '''Annotation Types''' zijn onder '''PAVEsense''' samengebracht, voor zover uw account daar toegang toe heeft. Bestaande links naar de vroegere rubrieken worden doorgestuurd naar de nieuwe plaats.
 
Bovenaan elke pagina toont een '''kruimelpad''' (bijvoorbeeld ''Pavesense / Areas / 8 / Table'') waar u zich bevindt; elk onderdeel is aanklikbaar om terug te keren.
 
=== De gebiedspagina ===
 
Eens een gebied geopend is, ziet u bovenaan de naam van het gebied en vier tabbladen:
 
* '''Data table''': de tabelweergave, om wegen of segmenten te sorteren en te filteren op de meetparameters;
* '''Map''': de kaartweergave met kleurcodering, filters en grafieken;
* '''Export''': het exporteren van de resultaten als CSV, Excel of ESRI-shapefile;
* '''Coverage''': de meetdekking van het wegennet (hoeveel passages per wegvak).
 
Rechts van de tabbladen staan drie elementen die op alle tabbladen terugkomen:
 
* '''Annotation edits''': een overzicht van de recente groepsbewerkingen van annotaties, met de mogelijkheid om een volledige groep in één keer ongedaan te maken (zie [[#Annotaties|Annotaties]]);
* '''Last results''': de maand van de meest recente resultaten (bijvoorbeeld ''2026-09'');
* '''Data version''': het versienummer van de dataset die het portaal toont. Vermeld dit nummer wanneer u ASAsense contacteert met een vraag over de resultaten.
 
=== Wegennet en historiek ===
 
PAVEsense bewaart de samenhang tussen opeenvolgende versies van het wegennet. Een kleine verschuiving van de geometrie, een gewijzigde bronnummering of een gecorrigeerde wegrichting hoeft daardoor geen nieuwe weg op te leveren: de weg kan als dezelfde weg herkend worden, met behoud van de gekoppelde metingen. Ook voor vervallen wegen wordt naar een opvolger gezocht.
 
De aangeleverde weggegevens bevatten geldigheidsdatums; alleen geldige wegen worden in de klantgegevens opgenomen. Een gewijzigd aantal wegen betekent daarom niet automatisch dat metingen verloren zijn. Controleer bij een vergelijking zowel de gekozen maand als de weg- of segmentidentificatie en de geldigheid van het wegennet.
 
=== <span id="PAVEscan_bestanden"></span>PAVEscan-bestanden raadplegen ===
 
Als voor uw gebied PAVEscan-bestanden beschikbaar zijn, kan u ze via de bestandslijst op de gebiedspagina raadplegen en downloaden. Een melding dat deze lijst '''niet kon worden geladen''' betekent dat de bestanden tijdelijk niet konden worden opgehaald. Dat is iets anders dan een lege lijst zonder beschikbare scans. De gebiedspagina blijft in dat geval toegankelijk.
 
Probeer de lijst later opnieuw te laden. Blijft de melding terugkomen, geef dan de gebiedsnaam en de melding door aan ASAsense; zie [[#Contact|Contact]].
 
=== Schalen en kleuren ===
 
De meeste resultaten zijn numerieke waarden:
 
* Macro1 tot en met Waviness worden uitgedrukt met een waarde tussen 0 (beste weg) en 1 (slechtste weg);
* de eIRI is een waarde groter dan 0 (in m/km) zonder harde bovengrens: hoe hoger, hoe ruwer de weg;
* de Driving Quality en het wegdektype zijn klassen.
 
Om numerieke resultaten op de kaart te tonen kiest men een '''kleurenschaal''' met een onder- en bovengrens (''Gradient''). Waarden op of onder de ondergrens zijn blauw; daarboven verloopt de kleur via groen en geel naar rood voor waarden op of boven de bovengrens.
 
Een lineaire indeling (ondergrens 0, bovengrens 1) verdeelt de kleuren gelijkmatig over het volledige bereik:
 
[[Bestand:Lineaire schaal.png|600px|Lineaire schaal van 0 tot 1]]
 
Men kan ook alles onder een bepaalde drempel blauw kleuren en enkel daarboven laten variëren. Zo ziet men meer detail in de wegen die slechter scoren. Met ondergrens 0,8 en bovengrens 1 spreekt men van de '''80/20-schaal''':
 
[[Bestand:80-20 schaal.png|600px|80/20-schaal: alles onder 0,8 is blauw]]
 
In het portaal staat de kleurenschaal voor Macro1–Waviness standaard op 0,5 – 1 en voor de eIRI op 0 – 10. Beide grenzen kunnen vrij aangepast worden in het paneel ''Appearance'' van de kaart (zie [[#Weergave (Appearance)|Weergave]]). Voor de Driving Quality en het wegdektype gebruikt de kaart een vaste klassenlegende.
 
== <span id="De_tabelweergave"></span>De tabelweergave (Data table) ==
 
Het tabblad '''Data table''' toont de meest recente resultaten (de maand vermeld bij ''Last results'') in tabelvorm. Dit is de snelste manier om de wegen of segmenten te vinden die goed of slecht scoren op een bepaalde parameter, of om een straat op te zoeken op naam.
 
=== Kolommen ===
 
Standaard toont de tabel per rij de volgende kolommen: ''Road Id'' (of ''Segment Id''), ''Road Name'', ''Surface Type'', ''Reference speed'', ''Macro1'', ''Macro2'', ''Mega1'', ''Mega2'', ''Waviness'', ''eIRI'', ''Driving quality'' en ''Authority''. Een lege cel betekent dat er voor die parameter (nog) geen resultaat is, bijvoorbeeld omdat de eIRI voor dat wegvak niet berekend kon worden. Op smallere schermen kan de tabel horizontaal gescrold worden.
 
Met het '''oog-icoon''' [[Bestand:PAVEsense icon eye.svg|18px|link=]] (''Select displayed columns in the table'') kiest u welke kolommen getoond worden: zet de schakelaar van een kolom uit om ze te verbergen. Met het handvat links van elke kolomnaam kan u de kolommen bovendien in een andere volgorde slepen.
 
=== Weg of segment ===
 
Met de schakelaar '''road / segment''' rechts in de filterbalk kiest u het detailniveau:
 
* '''road''': één rij per weg (van kruispunt tot kruispunt), met een numeriek ''Road Id'';
* '''segment''': één rij per segment van circa 20 m, met een ''Segment Id'' van de vorm <code>map-61-0-l1</code> (weg 61, segment 0, rijstrook 1).
 
Voor een prioritering per straat werkt u best op wegniveau; om de exacte locatie van een defect binnen een straat te vinden, schakelt u over naar segmentniveau.
 
=== Sorteren ===
 
Klik op een kolomtitel om de tabel op die kolom te sorteren. Een eerste klik sorteert oplopend (pijltje omhoog), een tweede klik aflopend, een derde klik heft de sortering op. Sorteer bijvoorbeeld aflopend op ''Macro2'' om de wegen met de meest versleten toplaag bovenaan te krijgen.
 
=== Filteren ===
 
De '''filterbalk''' boven de tabel bevat een knop per filterbare kolom. Standaard staan de filters ''ID'', ''STREET NAME'', ''SURFACE TYPE'', ''REFERENCE SPEED'' en ''AUTHORITY'' klaar. Klik op een knop om het filter te openen:
 
* tekstfilters (''ID'', ''STREET NAME'', ''AUTHORITY''): typ (een deel van) de tekst en bevestig met Enter; de tabel toont dan enkel de rijen die de tekst bevatten;
* keuzefilters (''SURFACE TYPE'', ''DRIVING QUALITY''): kies een waarde uit de lijst (''-- None --'' heft de keuze op);
* bereikfilters (''REFERENCE SPEED'', ''MACRO1'', ''MACRO2'', ''MEGA1'', ''MEGA2'', ''WAVINESS'', ''eIRI''): vul een minimum en/of maximum in.
 
Een actief filter is herkenbaar aan de waarde tussen haakjes op de knop, bijvoorbeeld ''STREET NAME (Klaproos)''. Filters die niet in de balk staan, voegt u toe met het '''trechter-icoon''' [[Bestand:PAVEsense icon filter.svg|18px|link=]] helemaal links (''Filter on other columns not shown''): zet de schakelaar van de gewenste kolom aan en de bijbehorende filterknop verschijnt in de balk. Met het '''herstel-icoon''' [[Bestand:PAVEsense icon reset filters.svg|18px|link=]] (''Remove all filters'') wist u alle filters in één keer.
 
Voorbeeld: om alle betonwegen met een Macro2 hoger dan 0,9 te vinden, kiest u ''SURFACE TYPE'' = ''Concrete'', voegt u via de trechter het filter ''MACRO2'' toe en vult u daar ''Min value'' = 0,9 in.
 
=== Paginering ===
 
Onderaan de tabel kiest u het aantal rijen per pagina (''Items per page'': 10, 20, 50, 100, 200, 500 of 1000) en bladert u met de pijltjes door de pagina's. De teller (bijvoorbeeld ''1 – 10 of 3091'') toont hoeveel rijen aan de huidige filters voldoen.
 
=== Een rij openen ===
 
Klik op een rij (bijvoorbeeld op de straatnaam) om de [[#De detailpagina van een weg of segment|detailpagina]] van die weg of dat segment te openen, met alle waarden, een kaartje en de annotaties.
 
=== Rijen selecteren en annoteren ===
 
Met de selectievakjes links van de rijen selecteert u één of meer wegen of segmenten. Het vakje in de kolomtitel selecteert in één keer ''alle'' wegen die aan de huidige filters voldoen, ook die op de volgende pagina's; filter dus eerst (bijvoorbeeld op straatnaam) en selecteer daarna alles. Zodra er een selectie is, verschijnt boven de tabel de gele balk ''… roads selected'' met de knop '''Annotate … roads''', waarmee u aan alle geselecteerde rijen in één keer dezelfde annotatie toevoegt. Zie [[#Annotaties|Annotaties]] voor de werkwijze.
 
== <span id="De_detailpagina"></span>De detailpagina van een weg of segment ==
 
De detailpagina opent door in de tabel op een rij te klikken, of door op de kaart op een weg te klikken en ''View details'' te kiezen. Met het pijltje links van de naam keert u terug.
 
=== Informatiepaneel ===
 
Het paneel '''INFO''' toont de waarden van de weg of het segment: wegdektype, referentiesnelheid, Macro1, Macro2, Mega1, Mega2, Waviness, eIRI, eIRI (85e percentiel), Driving Quality en wegbeheerder. Daaronder staan de meetperiodes:
 
* ''Texture measured'': de datum of periode van de metingen waarop de textuurindicatoren Macro1–Waviness gebaseerd zijn;
* ''eIRI measured'': de datum of periode van de metingen waarop de eIRI gebaseerd is.
 
Het label <span style="background:#e5e7eb;border-radius:3px;padding:0 5px;font-size:0.8em;font-weight:600;">ESTIMATE</span> bij een meetwaarde of meetperiode wijst op een nog niet geconvergeerd resultaat; zie [[#Convergentie|Convergentie]]. Beweeg met de muis over een label voor de toelichting. Controleer ook de geselecteerde maand: een historische pagina toont de meetresultaten van die maand.
 
=== <span id="Actueel_wegdektype"></span>Actueel wegdektype en maandrapport ===
 
Bij '''Surface Type''' toont de detailpagina de '''momenteel geldende wegdekannotatie''', als die er is. Ze krijgt het label <span style="background:#e5e7eb;border-radius:3px;padding:0 5px;font-size:0.8em;font-weight:600;">ANNOTATED</span> en heeft voorrang op de automatische schatting. Beweeg over het label om de datum van de annotatie te bekijken en te zien welk wegdektype het maandrapport nog vermeldt.
 
Het maandrapport is een momentopname die op de eerste dag van de maand wordt vastgelegd. Een later toegevoegde annotatie wordt al op de detailpagina zichtbaar, terwijl het maandrapport nog de eerdere waarde kan tonen. Dat verschil is dus mogelijk zonder dat de annotatie mislukt is. Het actuele wegdeklabel op de detailpagina hoeft ook niet de toestand in een geselecteerde historische maand weer te geven.
 
'''Voorbeeld:''' u corrigeert een weg op 18 september van asfalt naar beton. Als deze annotatie dan geldig is, ziet u op de detailpagina beton met ''ANNOTATED''. De momentopname van 1 september kan nog asfalt vermelden; de toelichting bij het label maakt dit verschil zichtbaar. Houd bij het vergelijken van maanden de meetwaarden en de actuele terreinkennis uit elkaar.
 
=== <span id="Meetgeschiedenis"></span>Meetgeschiedenis en historische maanden ===
 
Op de detailpagina van een weg of segment staan maandgrafieken voor '''eIRI''' en de '''macro- en megatextuur'''. Zo kan u trends en uitschieters bekijken zonder eerst te exporteren. De lijngrafiek met '''Waviness''' is de standaardweergave; ook de spreiding van de eIRI wordt getoond.
 
# Open de gewenste weg of het segment en bekijk de meetgeschiedenis.
# Zoom op de '''horizontale as''' om de relevante periode te bekijken. Zoom onafhankelijk op de '''verticale as''' om verschillen in meetwaarden beter te zien.
# Open de maand die u wil onderzoeken. Een oudere maand is herkenbaar aan <span style="background:#e5e7eb;border-radius:3px;padding:0 5px;font-size:0.8em;font-weight:600;">Legacy Recording</span>: dit betekent dat u historische meetresultaten bekijkt.
# Controleer de meetperiode en convergentie voordat u een verandering interpreteert. Door de convergentieregels kunnen opeenvolgende maandresultaten deels op dezelfde passages berusten.
 
Kiest u eerst een oudere maand via ''Month'' op de gebiedskaart en opent u daarna een weg, dan blijft die maand geselecteerd op de detailpagina. De maand kan in de paginalink worden vastgelegd; bewaar of deel de link van de geopende maand om later hetzelfde resultaat terug te vinden. De ontvanger heeft toegang tot het gebied nodig.
 
'''Voorbeeld:''' om het effect van een herstelling te onderzoeken, vergelijkt u de maanden vóór en na de ingreep. Zoom in op die periode, bekijk zowel eIRI als de relevante textuurindicator en controleer of de metingen na de ingreep liggen. Een gunstigere kleur alleen is onvoldoende: gebruik bij vergelijking dezelfde kleurenschaal en houd rekening met de convergentie.
 
=== <span id="Fotos"></span>Foto's ===
 
In het vak ''Drop images here or click to upload'' kan u foto's van de weg of het segment toevoegen, bijvoorbeeld van schade of een uitgevoerde herstelling. Sleep de bestanden in het vak of klik erop om ze te selecteren. Foto's met locatiegegevens krijgen een eigen pin op het kaartje.
 
Klik op een fotopin om de bijbehorende foto te openen en blader vervolgens door de fotocarrousel. Zo kan u een vaststelling in beeld koppelen aan de locatie en de meetresultaten. Een foto zonder locatiegegevens biedt op zichzelf geen exacte plaatsbepaling op de kaart.
 
=== Kaartje en segmentnavigatie ===
 
Het kaartje rechts toont de geselecteerde weg of het segment in het blauw (''Current''), de omliggende wegen in het oranje (''Surrounding'') en wegen zonder gegevens gestippeld (''No data''). De knoppen links op het kaartje zijn zoomen [[Bestand:PAVEsense icon zoom.svg|18px|link=]], volledig scherm [[Bestand:PAVEsense icon fullscreen.svg|18px|link=]], een zwart-witte achtergrondkaart [[Bestand:PAVEsense icon black-white basemap.svg|18px|link=]] en de keuze van de achtergrondkaart [[Bestand:PAVEsense icon layers.svg|18px|link=]]. Achtergrondlagen, zoeken en volledig scherm werken zoals op de gebiedskaart en de dekkingskaart; zie [[#Navigeren op de kaart|Navigeren op de kaart]]. Met de knop '''Area map''' springt u naar de kaart van het gebied, gecentreerd op deze weg.
 
Boven het informatiepaneel staat de '''segmentbalk''': per rijstrook (''1 LANE'', ''2 LANES'', …) een knop per segment (''Seg 1'', ''Seg 2'', …). Klik op een segment om de waarden van dat segment van 20 m te bekijken; op een segmentpagina brengt de knop met de straatnaam u terug naar de volledige weg. Een segment waarvoor nog geen resultaten beschikbaar zijn, toont een streepje in plaats van een waarde.
 
=== Annotaties op de detailpagina ===
 
Het paneel '''ANNOTATIONS''' toont de actieve annotaties van de weg of het segment met hun type, waarde en geldigheidsperiode. Op een segmentpagina schakelt u met ''This segment'' en ''Road'' tussen de annotaties van het segment zelf en die van de volledige weg. Controleer dit onderscheid voordat u een annotatie toevoegt.
 
Met de knop [[Bestand:PAVEsense icon add annotation.svg|18px|link=]] voegt u een annotatie toe. Via [[Bestand:PAVEsense icon history.svg|18px|link=]] (''View history'') bekijkt u de historiek. Eerdere, vervangen annotaties kan u ook openklappen via '''Show N earlier annotations''', waarbij ''N'' het aantal eerdere annotaties is. Zo blijft de voorgeschiedenis beschikbaar naast de actuele waarde. Zie [[#Annotaties bekijken en ongedaan maken|Annotaties bekijken en ongedaan maken]].
 
== <span id="De_kaartweergave"></span>De kaartweergave (Map) ==
 
Het tabblad '''Map''' toont de resultaten op een interactieve kaart. Links staan de kaartknoppen en de zoekbalk, bovenaan de schakelaar ''Road / Segment'' en de tekenknop, en rechts het paneel met de weergave-instellingen (''Appearance'') en de filters (''Filters''). Het paneel kan met het pijltje aan de rand worden ingeklapt om de kaart over de volledige breedte te tonen. De gestippelde zwarte lijn op de kaart is de grens van uw gebied.
 
=== Navigeren op de kaart ===
 
U kan in- en uitzoomen en de kaart verslepen zoals u dat van andere online kaarten gewend bent (muiswiel, dubbelklik, slepen). De knoppen links op de kaart:
 
{| class="wikitable"
|-
! Knop
! Functie
|-
| [[Bestand:PAVEsense icon zoom.svg|18px|link=]]
| '''Zoom in / Zoom out'''.
|-
| [[Bestand:PAVEsense icon fullscreen.svg|18px|link=]]
| '''View fullscreen''': de kaart op volledig scherm; druk op Esc om terug te keren.
|-
| [[Bestand:PAVEsense icon fit to data.svg|18px|link=]]
| '''Fit to data''': past de kaart eenmaal aan de gegevens aan. Het is een eenmalige actie; de kaart blijft daarna vrij te verslepen en te zoomen.
|-
| [[Bestand:PAVEsense icon black-white basemap.svg|18px|link=]]
| '''Black & white basemap''': schakelt de grijze achtergrondkaart aan of uit, zodat de gekleurde wegen beter opvallen.
|-
| [[Bestand:PAVEsense icon layers.svg|18px|link=]]
| '''Layers''': kies een achtergrondkaart, zoals ''Streets'', ''Ortho'' of ''ESRI Satellite''. De ortho-bronnen zijn voor gebruikers samengebracht in één laag ''Ortho''. De beschikbare beelden hangen af van de locatie.
|}
 
De bediening voor achtergrondlagen, zoeken, volledig scherm en lagen is gelijk op '''Map''', '''Coverage''' en het kaartje op de detailpagina. Zwart-wit is een instelling van de kaart en werkt op alle achtergrondlagen. Bij verder inzoomen wordt de weggeometrie met meer detail weergegeven, zodat bochten en rotondes beter hun vorm behouden.
 
=== Zoeken ===
 
In de zoekbalk linksboven (''Search road/segment id, address or coordinates'') kan u drie soorten zoekopdrachten ingeven; bevestig met Enter of het vergrootglas:
 
* een '''weg- of segment-id''', bijvoorbeeld <code>63</code>, <code>road-63</code> of <code>map-63-1-l1</code>: de kaart zoomt naar die weg of dat segment en licht het op;
* een '''adres''', bijvoorbeeld <code>Haagdoornsstraat</code> of <code>Stad 1, Hamont-Achel</code>: de kaart zoomt naar de locatie en markeert ze met een groene cirkel;
* '''coördinaten''' (breedtegraad, lengtegraad in decimale graden), bijvoorbeeld <code>51.25, 5.55</code>.
 
Zoeken '''verplaatst de kaart naar een locatie'''; het stelt geen gegevensfilter in. Een gevonden weg kan door uw actieve filters buiten de getoonde resultaten vallen. Pas die filters aan als u de weg ook wil beoordelen. Enkel locaties binnen de grenzen van het gebied worden aanvaard. Met het kruisje in de zoekbalk wist u de zoekopdracht en de markering.
 
=== Weg of segment op de kaart ===
 
Met de schakelaar '''Road / Segment''' bovenaan de kaart kiest u, net als in de tabel, of de kleuren per weg (kruispunt tot kruispunt) of per segment van 20 m worden getoond. De segmentweergave toont meer detail, de wegweergave geeft een rustiger overzicht van het volledige netwerk.
 
=== Details van een weg opvragen ===
 
Klik op een weg of segment om een '''pop-upvenster''' te openen met de naam, het wegdektype, Macro2, Mega2, Waviness, de gemiddelde eIRI, de Driving Quality, de 85e-percentielsnelheid en de wegbeheerder (voor een segment ook het segmentnummer en de rijstrook). De knop '''View details''' opent de [[#De detailpagina van een weg of segment|detailpagina]] voor de maand die op de kaart geselecteerd is. Bij een oudere maand krijgt die pagina het label ''Legacy Recording''; u springt dus niet ongemerkt naar de recentste resultaten.
 
=== <span id="Weergave_Appearance"></span>Weergave (Appearance) ===
 
Bovenaan het rechterpaneel kiest u onder '''Color by''' welke parameter de kleur van de wegen bepaalt: ''Macro1'', ''Macro2'', ''Mega1'', ''Mega2'', ''Waviness'', ''eIRI (avg)'', ''Speed (85th %)'', ''Driving Quality'' of ''Surface Type''.
 
Voor numerieke parameters stelt u onder '''Gradient''' de onder- en bovengrens van de kleurenschaal in (zie [[#Schalen en kleuren|Schalen en kleuren]]). Voor Macro1–Waviness horen beide grenzen tussen 0 en 1 te liggen; voor de eIRI is 0 – 10 een goede keuze. Voor de Driving Quality kiest u de klassen die als "beste" en "slechtste" uiteinde van de schaal gelden (standaard ''Very Good'' tot ''Poor''). Bij ''Surface Type'' is er geen gradiënt: de kaart toont dan een vaste legende linksonder (''Asphalt'', ''Brick'', ''Cobblestone'', ''Concrete'', ''Other'', ''No data'').
 
De weergave staat los van de filters: u kan bijvoorbeeld kleuren op Macro2 en tegelijk filteren op eIRI. Bij een andere keuze onder ''Color by'' worden de geladen wegen meteen opnieuw gekleurd; uw kaartpositie blijft behouden.
 
=== <span id="Filters_op_de_kaart"></span>Filters ===
 
Onder '''Filters''' beperkt u welke wegen op de kaart getoond worden. De filters werken cumulatief. Zodra een filter actief is, verschijnt naast de titel ''Filters'' een teller met de knop '''Clear''', die alle filters in één keer wist; elk filterblok met een actieve keuze krijgt bovendien een eigen teller en een knop '''Reset'''.
 
* '''Month''': de maand van de resultaten. Standaard is de recentste maand geselecteerd; klik op een andere maand (de lijst scrolt horizontaal, tot de eerste maand met resultaten) om de toestand van het wegennet op dat moment te bekijken en zo de evolutie in de tijd op te volgen.
* '''Converged''': ''SCCR converged'' (textuurindicatoren) en ''Surface converged'' (wegdektype), telkens met ''Yes'' / ''No''. Kies ''Yes'' om enkel de resultaten te tonen die aan het betreffende convergentiecriterium voldoen; klik nogmaals om de keuze op te heffen.
* '''Surface Type''' en '''Driving Quality''': staafdiagrammen met het aantal wegen per klasse. Klik op een staaf om enkel die klasse te tonen; klik op meerdere staven om klassen te combineren. Beweeg over een staaf voor het exacte aantal. Met het pijltje voor de titel kan u een blok inklappen.
* '''Road Authority''': de wegbeheerders met per beheerder het aantal wegen. Klik op een beheerder om enkel diens wegen te tonen (bijvoorbeeld enkel de gemeentewegen, zonder de gewestwegen).
* '''Speed (85 %)''', '''eIRI avg''', '''Waviness''', '''Mega1''', '''Mega2''', '''Macro1''', '''Macro2''': schuifregelaars met een onder- en bovengrens. Sleep de knoppen om bijvoorbeeld enkel de wegen met een Macro2 boven 0,8 te tonen.
 
Voorbeeld: om de gemeentewegen te vinden die in aanmerking komen voor een nieuwe toplaag, kiest u ''Color by'' = ''Macro2'', klikt u onder ''Road Authority'' op uw gemeente, zet u ''SCCR converged'' op ''Yes'' en schuift u de ondergrens van ''Macro2'' naar 0,8.
 
De kaart bewaart reeds geladen gegevens. Een smaller filter kan daardoor direct worden toegepast; bij verschuiven of zoomen worden alleen nog ontbrekende delen opgehaald. Uw zoomniveau blijft behouden bij het filteren. Een kleine laadindicator laat zien dat er gegevens worden opgehaald, terwijl de kaart zichtbaar blijft. Wacht tot het laden afgerond is voordat u de nieuwe weergave beoordeelt.
 
=== Tekenen om wegen te selecteren ===
 
Met de '''tekenknop''' [[Bestand:PAVEsense icon draw.svg|18px|link=]] rechtsboven op de kaart (''Draw across roads to bulk-annotate'') activeert u de tekenmodus: de cursor wordt een kruisje. Teken met ingedrukte muisknop een lijn over de kaart; alle wegen die de lijn kruist, lichten oranje op. Onderaan verschijnt de balk ''… roads selected'' met de knoppen '''Annotate … roads''' en '''Cancel'''. Zo voegt u bijvoorbeeld in één beweging een annotatie ''Repair'' toe aan alle straten van een wijk waar de toplaag vernieuwd werd. Controleer de selectie in het annotatievenster en vink wegen uit die u niet wil wijzigen. Klik nogmaals op de tekenknop om de tekenmodus te verlaten.
 
=== Maanden vergelijken op de kaart ===
 
Kies onder '''Month''' achtereenvolgens de maanden die u wil vergelijken. Houd de parameter onder ''Color by'', de kleurgrenzen en de overige filters gelijk, zodat u dezelfde selectie op dezelfde schaal beoordeelt. Open een weg of segment om de verandering nader te bekijken in de [[#Meetgeschiedenis en historische maanden|meetgeschiedenis]].
 
== Annotaties ==
 
Met '''annotaties''' voegt u eigen terreinkennis toe aan de resultaten: een vastgestelde schade, een uitgevoerde herstelling, een tijdelijke hindernis, een snelheidsregime of het correcte wegdektype. Annotaties zijn zichtbaar op de detailpagina van de weg of het segment. Welke annotaties en typen u kan zien of wijzigen, hangt af van uw toegangsrechten en de instellingen van uw organisatie.
 
=== Een annotatie toevoegen ===
 
Een annotatie kan op drie manieren worden aangemaakt: met de knop [[Bestand:PAVEsense icon add annotation.svg|18px|link=]] op de [[#De detailpagina van een weg of segment|detailpagina]] van één weg of segment, via de selectievakjes en de knop ''Annotate … roads'' in de [[#Rijen selecteren en annoteren|tabel]], of via een [[#Tekenen om wegen te selecteren|getekende lijn]] op de kaart. Het venster gebruikt dezelfde gegroepeerde typekeuze als de andere annotatieschermen. Kies de passende groep en het type; de beschikbare waarden volgen uit dat type. In het venster vult u in:
 
* '''Type''' en '''Value''':
** ''Damage'' (schade): kies de schadesoort uit de lijst – spoorvorming, langs-, dwars- of krokodillenscheuren, rafeling, putten, verzakking, ontmenging, vetuitslag, randschade, hoekafbraak, voegschade, trapvorming, afschilfering, polijsting, opdrukking, ontbrekende, verzakte of beschadigde elementen, voegvervuiling, onkruidgroei, wateroverlast, vervuiling of ''Other'';
** ''Obstruction'' (hindernis): vrije omschrijving, bijvoorbeeld een wegversmalling of werfzone;
** ''Repair'' (herstelling): kies de ingreep – overlagen, affrezen en overlagen, plaatselijke herstelling, voegvulling, bestrijking, slemlaag, scheurinjectie, reprofilering, dunne asfaltlaag, oppervlaktebehandeling, betonherstelling, elementenherstelling, vervanging funderingslaag of ''Other'';
** ''Speed limit'': de snelheidsbeperking in km/u;
** ''Surface'': het wegdektype (''Asphalt'', ''Concrete'', ''Brick'', ''Cobblestone'' of ''Other''). Zolang deze annotatie van kracht is, krijgt dit wegdektype voorrang op de automatische schatting. Zie [[#Actueel wegdektype en maandrapport|Actueel wegdektype en maandrapport]].
* '''Date (from)''': de datum vanaf wanneer de annotatie geldt (jjjj-mm-dd, of kies een datum met de kalender);
* '''Valid until''' (optioneel, bij annotaties vanaf de detailpagina of de kaart): de einddatum. Laat het veld leeg voor een annotatie zonder einddatum; na de einddatum verhuist de annotatie naar de historiek;
* '''Reason''' (optioneel, bij groepsannotaties vanuit de tabel): een korte toelichting, bijvoorbeeld "wegenwerken";
* '''Temporary change''' (bij groepsannotaties vanuit de tabel): vink dit aan voor een tijdelijke wijziging (bijvoorbeeld wegenwerken), zodat de groep later eenvoudig in één keer ongedaan gemaakt kan worden.
 
Bij een annotatie vanaf de kaart toont het venster bovenaan een kaartje van de selectie en de lijst ''Roads in selection''; met de selectievakjes kan u wegen uit de selectie weglaten. Vanuit de tabel volgt na '''Review & confirm''' een samenvatting; bevestig met '''Confirm & save'''. Een groepsannotatie wordt op de geselecteerde wegen of segmenten toegepast en als één bewerking gegroepeerd. Controleer vóór het opslaan het aantal locaties, het detailniveau en de geldigheidsdatums.
 
=== Annotaties bekijken en ongedaan maken ===
 
De actieve annotaties staan op de detailpagina onder '''Annotations'''. Open '''View history''' [[Bestand:PAVEsense icon history.svg|18px|link=]] voor de historiek; met '''Show N earlier annotations''' kan u eerdere, vervangen annotaties weer zichtbaar maken. De wijzigingsgeschiedenis legt vast wie wat wijzigde en laat toe een wijziging terug te draaien, als u daarvoor de rechten hebt.
 
Groepsbewerkingen vindt u via '''Annotation edits''' bovenaan de gebiedspagina. Open de betreffende bewerking, controleer op welke locaties ze betrekking heeft en maak ze zo nodig in één keer ongedaan. Dit is bijvoorbeeld bruikbaar na een foutieve groepsinvoer. Controleer daarna op een betrokken detailpagina welke annotatie nu van kracht is.
 
Voor het wegdektype geldt telkens één effectieve ''Surface''-annotatie. Bij het verwijderen of terugdraaien van zo'n wijziging berekent PAVEsense de geldende wegdekwaarde opnieuw. Ga daarom niet zonder controle uit van een bepaalde vorige waarde: de resterende annotaties en hun geldigheid bepalen wat nu geldt. De bewerkingsgeschiedenis blijft bewaard.
 
=== <span id="Annotatietypen_beheren"></span>Annotatietypen en groepen beheren ===
 
Via '''PAVEsense → Annotation Types''' kan u de beschikbare annotatietypen beheren, voor zover uw account daarvoor rechten heeft. Naast de standaardtypen kan uw organisatie eigen typen vastleggen. Ook klantgebruikers kunnen groepen aanmaken om verwante typen samen te brengen.
 
# Open '''Annotation Types''' en kies de groep waarin het type thuishoort, of maak een passende groep aan.
# Maak een type aan of bewerk een bestaand type. Geef het een duidelijke betekenis en stel de toegestane waarden in volgens de mogelijkheden van het type.
# Gebruik de aangeboden vaste keuzelijsten waar die passen bij uw registratie, waaronder de beschikbare AWV- en SB250-keuzes. Zo gebruiken collega's dezelfde termen voor vergelijkbare vaststellingen.
# Sla het type op. Het komt beschikbaar in de gegroepeerde typekeuze voor de gebruikers die er toegang toe hebben.
 
Ook typen hebben een wijzigingsgeschiedenis en een mogelijkheid om wijzigingen terug te draaien. Een wijziging aan een '''type''' gaat over de definitie en de toegestane waarden; een '''annotatie''' legt een concrete vaststelling op een weg of segment vast. Gebruik de typehistoriek voor het eerste en de annotatiehistoriek voor het tweede.
 
== <span id="Exporteren"></span>Exporteren (Export) ==
 
Op het tabblad '''Export''' downloadt u de resultaten van een maand voor uw eigen GIS- of kantoortoepassing. Controleer bij elke export zowel de maand en het detailniveau als het geografische bereik.
 
# Kies onder '''Month and Year''' de maand waarvoor u wil exporteren.
# Kies '''Road-level''' voor één rij per weg met de weggeometrie, of '''Segment-level''' voor één rij per segment van circa 20 m met het ''segment_id'' en de segmentgeometrie.
# Kies het formaat in de onderstaande tabel.
# Controleer in de exportdialoog het bereik. Als er een getekende regio aanwezig is, wordt die gebruikt om de export geografisch te beperken. Controleer die regio als u juist het hele gebied nodig hebt. Een selectie van wegen voor een annotatie is niet op zichzelf een bevestiging van het exportbereik.
# Start de download. Tijdens het voorbereiden toont het portaal een voortgangsindicator. Wacht tot de voorbereiding en de download voltooid zijn voordat u dezelfde export opnieuw start.
 
{| class="wikitable"
|-
! Formaat
! Gebruik en aandachtspunten
|-
| '''CSV'''
| Tekstbestand voor verdere verwerking in een GIS-pakket, rekenblad of andere analysetoepassing. CSV-export is ook beschikbaar op segmentniveau. Kies CSV wanneer het resultaat te groot is voor XLSX; een rekenbladprogramma kan ook bij het openen van een CSV zijn eigen rijlimiet toepassen.
|-
| '''Excel (XLSX)'''
| Wordt op de server opgebouwd, zodat uw browser grote bestanden niet zelf hoeft om te zetten. Bij overschrijding van de spreadsheetlimiet van '''1.048.576 rijen''' verschijnt een melding om CSV te gebruiken. Kies dan CSV of beperk het exportbereik.
|-
| '''ESRI Shapefile'''
| Gezipt bestand voor onder meer QGIS en ArcGIS. Het formaat beperkt kolomnamen tot 10 tekens, waardoor namen ingekort kunnen zijn.
|}


==Convergentie==
De dekkingskaart heeft daarnaast een eigen [[#Dekkingsgegevens exporteren|CSV-download]] voor de dekkingsgegevens. Die gegevens beschrijven passages; de resultaatsexport beschrijft de berekende wegkwaliteit.
De metingen worden per maand geleverd. Hierbij geeft de datum aan tot welke datum de metingen in beschouwing werden genomen. De metingen van de afgelopen maand worden sowieso in rekening genomen, maar het is ook mogelijk dat oudere metingen worden gebruikt voor bepaalde wegsegmenten indien er onvoldoende werden opgemeten gedurende de afgelopen maand.


Hiervoor hanteren we voor de schalen Macro1-Waviness het volgende "convergentiecriterium".
Meer exportmogelijkheden, zoals WMS, WFS en andere GeoServer-diensten, zijn beschikbaar op aanvraag via [mailto:info@asasense.com info@asasense.com].


#Beschouw enkel de metingen waarvoor de rijsnelheid minimaal 20km/u bedroeg en maximaal 130km/u
== <span id="Meetdekking"></span>Meetdekking (Coverage) ==
#Neem hiervan minimaal de metingen van de afgelopen 30 dagen in rekening
#Indien binnen deze periode minimaal 2 metingen zijn gebeurd met minimaal 2 verschillende wagens en ga na of
##De snelheid minder dan 30% verschilt van de 85-ste percentielsnelheid
##De standaardafwijking op geluidsniveau van bepaalde frequentiebanden is < 4dB
##De standaardafwijking op de 1m-band < 4dB is. Deze lengte schaal komt overeen met laagfrequent geluid afhankelijk van de gereden snelheid.
#Is het criterium niet bereikt, neem dan ook een minimaal aantal eerdere metingen in beschouwing totdat het criterium is bereikt. De maximale leeftijd van een meting hiervoor is 500 dagen (voor erg weinig bereden straatjes)


Voor de eIRI wordt het voorafgaand convergentie criteria gebruikt. Hierdoor worden dezelfde passages geselecteerd waarvoor IRI al afzonderlijk berekend werd. Het gemiddelde van eIRI (over de geselecteerde passages) op één locatie wordt toegewezen als de eIRI-meting op die locatie. Uit onderzoek blijkt namelijk dat dit [[Roads AI - IRI Correlation|een betere correlatie geeft met referentie data]].  
Het tabblad '''Coverage''' toont hoe goed het wegennet door de meetvloot wordt gedekt, onder meer via het aantal passages per wegvak. Gebruik het om niet of weinig bereden straten op te sporen. Een groot aantal passages is op zichzelf geen bewijs van goede wegkwaliteit of convergentie; daarvoor bekijkt u de meetresultaten en de [[#Convergentie|convergentiestatus]].


De niet-geconvergeerde metingen worden ook aangeleverd, maar zijn meer onderhevig aan ruis en toevallige gebeurtenissen zoals een tak die op de weg ligt, de meetwagen die over het gras naast de weg is gaan rijden omwille van een tegenligger, ...
De afzonderlijke pagina '''PAVEsense → Coverage''' is beschikbaar volgens uw abonnement. De dekkingsweergave binnen een meetgebied blijft toegankelijk voor de klanten aan wie dat gebied toebehoort. Ziet u een verwachte toegang niet, laat ASAsense dan uw abonnement en gebiedstoegang controleren.


==Automatische kalibratie en verwachte termijn voor het beschikbaar komen van nieuwe data==
=== Legende en statistieken ===
Na de installatie van een sensor in een meetwagen wordt er onmiddellijk en zonder enig werk vanuit de gebruiker of bestuurder data opgemeten. Helaas kan niet alles onmiddellijk verwerkt worden.


Voor de Macro1-Waviness schalen dient de data immers eerst gekalibreerd te worden met andere metingen die op dezelfde locaties zijn gemeten. Dit gebeurt automatisch, maar hiervoor moet voldoende data worden opgemeten (een 10 000-tal overlappende metingen). Reken een 3-tal maanden vooraleer dit gebeurd is. Vanaf maand 4 zal u de verwerkte meetdata van deze sensoren kunnen ontvangen (met terugwerkende kracht: ook de eerder opgemeten maanden worden dan geupdated met de nieuwe, gekalibreerde, meetdata).
Met de '''menuknop''' [[Bestand:PAVEsense icon menu.svg|18px|link=]] rechtsboven op de kaart opent u de '''legende'''. Voor de passageweergave zijn de gebruikelijke klassen 0 (zwart), 1–2 (rood), 3–4 (oranje), 5–6 (geel), 7–8 (groen) en 9 of meer (blauw). Met de selectievakjes toont of verbergt u een klasse; vink ''0 passages'' aan om ook onbemeten wegen te zien. Met '''Edit''' past u de kleuren en klassengrenzen aan. Lees altijd de legende van de actieve laag.


De IRI & Driving Quality wordt rechtstreeks berekend vanaf de opgenomen trillingsdata. Hiervoor gebeurt geen kalibratie, dus deze data kan onmiddellijk worden aangeleverd.
Onder de legende kan u het paneel '''Statistics''' openklappen. Het toont per passageklasse het aantal kilometer weg, de gedekte lengte en het percentage (''Covered'') en de totale netwerklengte (''Network''). Het gaat om '''weglengte''', niet om het aantal straten. De cijfers volgen de actieve filters en de gekozen geografische afbakening.


==De Resultaten==
Met '''Show area''' kiest u de afbakening:
De resultaten komen op verschillende manieren beschikbaar, allemaal gegroepeerd in ons [https://portal.asasense.com/ portaal] . Om toegang te krijgen log je in met behulp van de logingegevens die je via e-mail ontving en klik je verder op "PaveSense". Indien je toegang hebt tot meerdere regio's kan je daarop verder klikken, anders opent jouw resultatenregio automatisch. Uiteindelijk zie je 3 tabbladen: [[Bestand:Portaal tabelweergave.png|miniatuur|Portaal tabelweergave]]


*Map, waaronder je de kaartweergave van de data vindt (de online viewer)
* '''Whole area''': het volledige ingestelde gebied; bij een afbakening als ''bounding box'' omvat dit de rechthoek rond het gebied.
*Table, waar je de data in tabelformaat kan benaderen. Zo kan je makkelijk segmenten en wegen vinden die goed of slecht scoren op bepaalde parameters.
* '''Full city outline''': alleen het netwerk binnen de volledige gemeentegrens.
*Export, waar je de data kan exporteren als shape- of CSV-file. Export via WMS, WFS of de andere exportmogelijkheden van GeoServer worden ook ondersteund, maar zijn niet standaard geactiveerd. [mailto:info@asasense.com Contacteer ons] indien u deze exportmogelijkheden wenst te gebruiken.
* '''Deelgebied of district''': een beschikbare kleinere afbakening, bijvoorbeeld om wijken onderling te bekijken.


===Schalen===
De kaart dimt het gebied buiten de gekozen afbakening en toont de relevante grenzen. Een meetgebied kan ook met een complexe grensvorm zijn ingericht; filters en statistieken volgen die vorm. Gebruik voor vergelijkingen dezelfde afbakening, periode en wegcategorieën. Anders kan een gewijzigd dekkingspercentage voortkomen uit een ander geselecteerd netwerk.
De meeste resultaten worden uitgedrukt als numerieke waarde:


*Macro1-Waviness wordt uitgedrukt met een waarde tussen 0 (beste weg) en 1 (slechtste weg)
=== Filters op de dekkingskaart ===
*De IRI wordt uitgedrukt door een waarde groter dan 0 (en liefst < 16, maar dat is geen harde bovengrens)


Om deze resultaten te visualiseren moet men een bijhorende schaal kiezen, afhankelijk van de noden. De schaal vertaalt bijvoorbeeld 0-1 waarden naar een kleuren schaal van blauw (vlakste) naar groen, geel, rood (meest hobbelige).
De filterbalk boven de kaart werkt zoals in de tabel: klik op een knop om een filter te openen, gebruik het trechter-icoon [[Bestand:PAVEsense icon filter.svg|18px|link=]] om extra filters toe te voegen en het herstel-icoon [[Bestand:PAVEsense icon reset filters.svg|18px|link=]] om alle filters te wissen. Beschikbare filters:


Dit is een lineaire indeling van de schaal (gebruikt in de online viewer en ''map_linear.qgz'' op Odoo):[[Bestand:Lineaire schaal.png|kaderloos|941x941px]]
* '''Roadtype''': de wegcategorieën (motorway, trunk, primary, secondary, tertiary, unclassified, residential, living street, de bijbehorende op- en afritten, road en uncoded/other). Verwijder een categorie met het kruisje of voeg er een toe via het zoekveld; zo kan u bijvoorbeeld de dekking van enkel de woonstraten bekijken;
* '''Surface''': één of meer wegdektypes;
* '''Authority''': de wegbeheerder;
* '''Daterange''': de periode waarin de passages plaatsvonden, met de snelkeuzes ''Last Week'', ''Last Month'' en ''Last Year'' of een eigen datumbereik (dd/mm/jjjj – dd/mm/jjjj). Zo ziet u bijvoorbeeld welke straten de voorbije maand bereden werden;
* '''StateId''' en '''DeviceId''': beperking tot de passages van één bepaalde sensor (identificatie zoals afgesproken met ASAsense).


De filters voor '''Roadtype''' en '''Surface''' ondersteunen meerdere keuzes en beperken zowel de kaart als de statistieken. U kan bijvoorbeeld woonstraten met een asfaltverharding selecteren en vervolgens onder ''Show area'' één district kiezen om de dekking van juist dat netwerk te beoordelen.


Men kan ook alles kleiner dan 80% tot blauw rekenen, en de rest lineair laten variëren in de kleuren schaal. Dit is met name handig aangezien we meer detail zien in de wegen die slechter scoren. Ook wel de 80%-20% schaal genoemd (gebruikt in de online viewer en ''map_80_20.qgz'' op Odoo):
Klik op een wegvak voor een pop-upvenster met de wegcategorie en het aantal passages. Vanuit de dekkingskaart kan u doorklikken naar de bijbehorende ritten; zie [[#Ritten raadplegen en downloaden|Ritten raadplegen en downloaden]].


[[Bestand:80-20 schaal.png|kaderloos|937x937px]]
=== <span id="Lagen_op_de_dekkingskaart"></span>Lagen ===
===De online viewer===
[[Bestand:Overzicht online viewer.png|miniatuur|Overzicht online viewer]]
Onder het eerste tabblad in het portaal vindt u de online viewer, waarbij de resultaten in kaartweergave worden gepresenteerd.
[[Bestand:Online viewer - Details wegsegment.png|miniatuur|Details wegsegment]]
U kan inzoomen, uitzoemen en draggen zoals u dat gewend bent uit Google Maps. Daarnaast kan je door met je muis over wegsegmenten te hoveren extra details weergeven. Om de kaart full-screen weer te geven klikt u op het zoom-icoon rechts bovenin:


[[Bestand:Full-screen icon.png|kaderloos|134x134px]]
Met het '''oog-icoon''' [[Bestand:PAVEsense icon eye.svg|18px|link=]] (''Toggle layers'') beheert u welke gegevenslagen zichtbaar zijn. De laagnaam en de bijbehorende legende geven aan wat de kleuren betekenen.


====Selectie van de meetmaand ====
{| class="wikitable"
In de online viewer kunt u steeds een actueel overzicht van uw wegennetwerk opvragen. Om dit te doen selecteert u na het openen van de viewer steeds de maand waarvoor u de data wenst te raadplegen. Klik hiervoor op de balk van de maand de betreffende maand. Indien u dit niet doet zal er steeds het gemiddelde over alle maanden worden weergegeven.
|-
[[Bestand:Segments over time.png|geen|miniatuur|433x433px|Segments over time - tevens de manier om de maand te selecteren die u wenst te inspecteren]]
! Laag of gegeven
! Wat u ermee beoordeelt
|-
| '''Passages''', waaronder ''Device Passages''
| Hoe vaak een wegvak bereden is. Combineer ''Device Passages'' zo nodig met ''DeviceId'' om passages van een bepaalde sensor te bekijken.
|-
| '''Device Count'''
| Hoeveel verschillende meetvoertuigen het wegvak hebben bereden. Lees hiervoor de legende van deze laag.
|-
| '''Pavement Condition'''
| De toestand van het wegdek. Deze laag heeft een kwaliteitsbetekenis en mag niet als passageaantal worden gelezen. Gebruik de eigen kwaliteitslegende.
|}


====Instellen van de visualisatieparameters====
Het convergentiecriterium vraagt onder meer metingen van minstens twee voertuigen. Gebruik het aantal voertuigen daarom naast het aantal passages, en controleer de overige voorwaarden op de resultatenpagina. De kaartknoppen voor zoomen, volledig scherm, ''Fit to data'', zwart-wit, achtergrondlagen en zoeken werken zoals op de [[#Navigeren op de kaart|kaartweergave]]; zoeken verplaatst de kaart en verandert de filters niet.
Daarnaast kunt u ook de parameters die u wenst te gebruiken voor de visualisatie selecteren onder de "Map Settings". Ook de schaal die moet gebruikt worden voor de kleuring wordt hier gekozen.
[[Bestand:De map settings.png|miniatuur|Selecteer de parameter en schaal die u wilt gebruiken voor de visualisatie op kaart]]
Let hierbij op dat de waarden Macro1-Waviness tussen 0 en 1 liggen en het dus is aangeraden om zowel de Min en de Max gradient value in te stellen tussen 0 en 1. Standaard staan de waarden ingesteld voor een 80/20 schaal zoals hierboven uitgelegd.


De IRI waarden hebben in principe geen bovenlimiet, maar alles boven de 16 is zeer slecht, dus hiervoor raden wij aan om de waarden 0 en 16 als onder en bovenlimiet te gebruiken.
=== Dekkingsgegevens exporteren ===


Indien de Driving Quality wordt geselecteerd heeft de gradient geen effect. Dan worden de slechte en goede segmenten steeds blauw weergegeven, en de slechte steeds rood. De waarden daartussenin zijn groen, geel en oranje, van beter naar slechter.
Met het '''download-icoon''' [[Bestand:PAVEsense icon download.svg|18px|link=]] in de filterbalk (''Download data as CSV'') downloadt u de dekkingsgegevens. Kies in de downloadkeuze het benodigde bereik en, waar aangeboden, het weg- of segmentniveau. Een aanwezige getekende regio kan het exportbereik beperken. Controleer de selectie en wacht tijdens de voorbereiding op de voortgangsindicator.


Voor het opsporen van versleten toplagen raden wij in eerste instantie het gebruik van de parameter Macro2 aan, en in 2e instantie de IRI voor het opsporen van de wegen waarvan ook de funderingen slijtage vertoon.
== Ritten en meetvloot ==


====De grafieken en verdere filtering====
=== <span id="Ritten_raadplegen"></span>Ritten raadplegen en downloaden ===
[[Bestand:Halle 2022-11 (Very) Good IRI.png|miniatuur|De data van Halle werd hierbij gefilterd op datum 2022-11 en IRI Ride Quality (tegenwoordig hernoemd naar "Driving Quality")  "Good" en "Very Good"]]
Naast kaart worden er een aantal grafieken getoond die verdere informatie verschaffen over de data. Deze kunnen tevens gebruikt worden om de data verder te filteren. Klik hiervoor op de grafieken om de data die aan bepaalde voorwaarden voldoet weer te geven (enkel de data die voldoet aan de geselecteerde parameters wordt dan ingeladen). Het is ook mogelijk om op wegsegment te filteren door er op te klikken.


De Geselecteerde filters worden steeds weergegeven in een dialoogje rechtsbovenaan de kaart en rechtsboven in de desbetreffende grafiek. De Filters zijn niet gelinkt aan de visualisatie-settings in "Map Settings". Het is prima om daar bvb Macro2 te selecteren en te filteren op IRI.
Als uw account toegang heeft tot '''Trips''', kan u ritten onder '''PAVEsense''' opzoeken en filteren op een weg of segment. U kan ook vanuit de dekkingskaart rechtstreeks naar de ritten bij een locatie gaan. Zo onderzoekt u welke ritten bij een passageoverzicht horen.


Filters kunnen ook opgeslagen worden in Filtersets om nadien makkelijk herladen te worden. Deze worden standaard enkel lokaal opgeslagen in uw browsersessie, om ze permanent te maken en ook beschikbaar te maken in de vergelijkingstool moet u over een login beschikken.
# Open de ritten vanuit de dekkingskaart of via '''PAVEsense → Trips'''.
# Beperk de lijst tot de weg of het segment dat u onderzoekt en controleer de selectie.
# Start de beschikbare ritdownload. Kies in de downloaddialoog de gewenste revisie wanneer er een revisiekeuze wordt aangeboden; de download gebruikt die versie van de ritbestanden.


====De vergelijkingstool====
Bij een locatie met veel passages kan de maximale hoeveelheid gegevens die de dienst teruggeeft bereikt worden. Het portaal toont daarvoor een waarschuwing. Behandel de weergegeven lijst dan als '''mogelijk onvolledig''' en baseer geen totaalconclusie op die lijst. Beperk de selectie waar mogelijk of vraag ASAsense om hulp als u alle ritten nodig hebt.
[[Bestand:Comparison tool- een weg waarvan de toplaag werd heraangelegd.png|miniatuur|Comparison tool: een weg waarvan de toplaag werd heraangelegd]]
Met de vergelijkingstool (de pijltjes linksonder aan het scherm) is het mogelijk om verschillende opgeslagen filters te vergelijken. Zo kan je snel en eenvoudig de evolutie gedurende de tijd zien door een het moment "Base value" te vergelijken met "Deducted value". Vul hierbij bij "Base value" best de meest recente maand in. Voor de Map Settings zet u de "Min-gradient" voor een eenvoudige interpretatie best op 0.


Enkele kanttekeningen hierbij:
=== Meetvloot en ondersteuning ===


#let er op dat je enkel wegsegmenten vergelijkt die in beide filtersets aanwezig is. Data die tijdens een eerdere maand (indien ingevuld onder Deducted value) niet aanwezig was zal aangeduid worden als verslechterd. Het omgekeerde geval zal als verbeterd worden aangeduid.
Voor gebruikers met de passende rechten staan '''Devices''' (sensoren), '''Vehicles''' (voertuigen), '''Device Handlings''' (handelingen aan sensoren) en '''Interventions''' samen onder '''PAVEsense'''. Gebruik het kruimelpad om tussen deze overzichten te navigeren. Vermeld bij een vraag over een toestel of rit de bijbehorende identificatie.
#indien u 2 momenten vergelijkt die niet ver uit elkaar liggen kan ruis op de data een belangrijke factor worden. Let indien u dat doet daarom vooral op de sterk gewijzigde waarden (verschil van > 0.5) en/of filter op "Converged = True". Hoe groter de tijd die verstreken is tussen tussen twee segmenten, en hoe meer data er verzameld werd, hoe beter de vergelijking wordt.
# Het is niet mogelijk om verder te filteren in de comparison tool
Op dit moment is het nog niet mogelijk voor de eindgebruiker om zelf filters op te slaan. Indien u een vergelijking in de tijd wilt uitvoeren, gelieve ons dan te contacteren en dan maken we onmiddellijk de nodige filters voor u aan.


===De tabelweergave===
ASAsense-support kan deze gegevens en uw gebieden en meetdekking raadplegen, en notities en installatiegegevens corrigeren. Die ondersteuningsrol kan geen toestellen, voertuigen, handelingen of interventies aanmaken of verwijderen. Daardoor kan support veel vragen rechtstreeks onderzoeken met beperkte wijzigingsrechten.
[[Bestand:Tabelweergave met kaart.png|miniatuur|Tabelweergave met kaart]]
Naast de online viewer is er ook de tabelweergave. Hiermee kan u de onder handen te nemen segmenten sorteren op prioriteit mbv de verschillende meetparameters, of zoeken op straatnaam. Sorteren kan door op de kolomtitels te klikken, zoeken (of filteren) door de filtervelden in te vullen.


U kunt er voor kiezen om de data weer te geven op wegbasis (kruispunt tot kruispunt, selecteer hiervoor de "Road" precision) of op segmentbasis (wegsegmenten van 20m, selecteer hiervoor de "Segment" precision). Een preview van de weg of het wegsegment kan op een kaart weergegeven door op de ID te klikken. Dit kan zowel in straat- of satellietweergave.
De verwerking van meetgegevens is beter bestand tegen verbindingsonderbrekingen: ontvangst wordt pas bevestigd nadat de gegevens veilig zijn opgeslagen. Dit helpt verlies bij opnieuw verbinden te voorkomen. Het is geen bevestiging dat elke straat al voldoende metingen heeft; gebruik daarvoor de dekkingskaart en de convergentiestatus.


Standaard wordt enkel de geconvergeerde data gebruikt, maar het is zeker ook mogelijk om niet-geconvergeerde segmenten mee te nemen. Hiervoor hoeft u enkel een checkbox aan te vinken.
== <span id="Veelgestelde_vragen"></span>Tips en veelgestelde vragen ==
; Welke parameter gebruik ik om het onderhoud te plannen?
: Gebruik '''Macro2''' om versleten toplagen op te sporen en '''Driving Quality''' of '''eIRI''' om de algemene rij- en wegkwaliteit te beoordelen, inclusief mogelijke problemen in de fundering. Sorteer in de tabel of filter op de kaart en onderzoek de geselecteerde locaties verder.
; Waarom heeft een straat geen waarden of het label ESTIMATE?
: Er kunnen te weinig bruikbare metingen zijn of de resultaten voldoen nog niet aan de convergentiecriteria. Controleer '''Coverage''', de meetperiode en de convergentiestatus. Textuurindicatoren van nieuwe sensoren vereisen eerst kalibratie; eIRI kan zonder die wachttijd na de reguliere verwerking beschikbaar zijn.
; Hoe vergelijk ik de toestand met vorig jaar?
: Open de detailpagina en bekijk de [[#Meetgeschiedenis en historische maanden|maandgrafieken]], of kies op de kaart onder '''Month''' een oudere maand. Een historische detailpagina draagt het label ''Legacy Recording''. Vergelijk dezelfde parameters en schalen, en controleer convergentie en meetperiodes. Voor verdere analyse kan u beide maanden exporteren.
; Waarom wijkt het wegdektype op de detailpagina af van het maandrapport?
: De detailpagina toont de actuele geldende annotatie; het maandrapport is een momentopname van de eerste dag van de maand. Beweeg over '''ANNOTATED''' om de annotatiedatum en de waarde uit het maandrapport te zien.
; Kan ik enkel mijn eigen wegen bekijken?
: Filter op '''Authority''' in de tabel of op '''Road Authority''' op de kaart. Controleer bij dekkingsstatistieken ook de afbakening onder '''Show area'''.
; Het wegdektype van een straat klopt niet. Hoe corrigeer ik dat?
: Voeg een annotatie van het type '''Surface''' toe met het juiste type en de juiste ingangsdatum. Dit kan op de detailpagina of voor een selectie via tabel of kaart. De geldende annotatie krijgt voorrang op de automatische schatting.
; Ik heb per vergissing een groep annotaties toegevoegd.
: Open '''Annotation edits''', controleer de betrokken locaties en draai de bewerking terug. Controleer daarna welke waarde op een betrokken detailpagina geldt.
; Ik vind een weg via de zoekbalk maar zie geen meetresultaat op de kaart.
: Zoeken verplaatst de kaart; actieve filters blijven gelden. Controleer de maand, filters, het detailniveau en of er gegevens beschikbaar zijn.
; Waarom ziet de kaart er tijdens het laden nog hetzelfde uit?
: De kaart blijft zichtbaar terwijl ontbrekende gegevens worden opgehaald. De laadindicator laat zien dat dit nog bezig is. Wacht tot het laden klaar is voordat u de nieuwe weergave beoordeelt.
; Mijn Excel-export is te groot. Wat nu?
: Kies '''CSV''' of beperk het exportbereik. XLSX heeft een maximum van 1.048.576 rijen; een rekenbladprogramma kan bij het openen van CSV dezelfde limiet opleggen. Gebruik voor grotere bestanden een geschikte GIS- of analysetoepassing.
; Zijn mijn scans weg als de PAVEscan-lijst niet kan worden geladen?
: Die melding duidt op een probleem bij het ophalen van de lijst en bewijst geen gegevensverlies. Probeer later opnieuw en geef een aanhoudende melding door aan ASAsense.
; Kan ik alle ritten tellen uit de lijst bij een locatie?
: Niet als er een waarschuwing staat dat de opvraaglimiet bereikt is. De lijst kan dan onvolledig zijn. Beperk de selectie of vraag ondersteuning.


Het aantal entries dat u in de tabel wilt weergeven kunt u ingeven in het veld "Amount of rows".
== Contact ==


===De exportmogelijkheden===
Voor vragen over het portaal, bijkomende exportmogelijkheden (WMS/WFS), extra gebruikers of nieuwe meetgebieden kan u terecht bij ASAsense via [mailto:info@asasense.com info@asasense.com].
[[Bestand:Portal - Roads AI export tab.png|miniatuur|Portal - Roads AI export tab]]
Standaard wordt er een export voorzien naar ESRI shapefiles & CSV-bestanden. U kan de maand selecteren waarvoor u wenst te exporteren, evenaals het gewenste exportformaat en de precisie (Road = kruispunt tot kruispunt, Segment = opgedeeld in segmenten van 20m).


Meer exportmogelijkheden zijn mogelijk (WMS, WFS, ...), maar worden ingesteld [mailto:info@asasense.com op aanvraag].
Vermeld bij een vraag over resultaten de '''gebiedsnaam''', '''weg- of segment-id''', '''geselecteerde maand''' en '''Data version'''. Voeg bij een foutmelding de exacte tekst en de handeling toe waarbij ze verscheen. Vermeld bij ritten of toestellen ook de rit- of toestelidentificatie. Zo kan support dezelfde situatie gericht onderzoeken.

Revision as of 10:08, 13 October 2026

Versie 2.1 – 24 september 2026 · Van toepassing op het portaal portal.asasense.com

Deze handleiding helpt u om de wegkwaliteit in het PAVEsense-portaal van ASAsense (portal.asasense.com) te beoordelen en op te volgen. U leert resultaten opzoeken, maanden vergelijken, terreinkennis toevoegen met annotaties, meetdekking controleren en gegevens exporteren. De uitleg volgt de tabbladen Data table, Map, Export en Coverage van een meetgebied. De beschikbare gebieden en functies hangen af van uw abonnement en toegangsrechten.

Inleiding

miniatuur|360px|Schematische voorstelling van het ASAsense PAVEsense-meetsysteem (eerder "Roads AI")

Het PAVEsense-meetsysteem (eerder Roads AI) voor wegkwaliteit bestaat uit een vloot voertuigen waarin sensorboxen zijn geïnstalleerd. De wegen die opgemeten moeten worden, worden door deze vloot bereden tijdens het dagelijkse gebruik van de voertuigen. Op die manier verzamelt het meetsysteem rolgeluids- en trillingsmetingen. Deze metingen worden beveiligd en met respect voor de privacy doorgestuurd naar het ASAsense-datacenter en daar verwerkt.

Het resultaat zijn kwaliteitsindicatoren per wegvak waarmee de staat van het wegennet in kaart wordt gebracht. Deze indicatoren worden maandelijks bijgewerkt en via het portaal aangeboden op twee detailniveaus: per weg (van kruispunt tot kruispunt, in het portaal road genoemd) en per segment van circa 20 meter (segment). Naast het raadplegen van de resultaten laat het nieuwe portaal ook toe om annotaties toe te voegen (bijvoorbeeld een uitgevoerde herstelling of een gewijzigd wegdektype) en om de meetdekking van het gebied op te volgen.

Kwaliteitsindicatoren

Aan de basis van het meetsysteem ligt de vaststelling dat verouderde wegen zowel luider klinken als sterkere trillingen veroorzaken. Aan het wegoppervlak kunnen verschillende karakteristieke golflengtes worden onderscheiden: van rafeling en kleine putten tot het golven van de weg op grotere schaal. De trillings- en geluidsmetingen worden gecombineerd en in het frequentiedomein verschoven naargelang de snelheid van het voertuig. Dit fenomeen kent iedereen die per ongeluk over de ribbelstrook van een autosnelweg rijdt: de toonhoogte verandert duidelijk naarmate men trager of sneller rijdt. De relatie is frequentie = snelheid / (3,6 × lengte), met de frequentie in hertz, de snelheid in km/u en de golflengte in meter.

miniatuur|420px|De vijf lengteschalen (ruwheidsklassen) van PAVEsense

In die optiek rapporteert PAVEsense een selectie van lengteschalen die relevant zijn voor de analyse van de staat van de weg:

  • Macro1 (8 cm tot 20 cm): een indicatie voor vroegtijdige degradatie van de toplaag – rafeling, delaminatie, losliggende steentjes, …
  • Macro2 (20 cm tot 60 cm): indicatie voor verder gevorderde degradatie van de toplaag – scheuren, putten, …
  • Mega1 (60 cm tot 140 cm): oneffenheden die de rijervaring beïnvloeden – grotere putten, spoorvorming, maar ook beperkte golvingen in de lengterichting.
  • Mega2 (140 cm tot 3 m): grotere oneffenheden – diepe spoorvorming, langere golvingen, …
  • Waviness (3 m tot 5 m): de langsvlakheid op grote afstand, vooral van belang voor wegen waarop aan hoge snelheid gereden wordt.

Er bestaat geen strikte scheiding tussen de schalen: veel defecten die zichtbaar zijn in Macro2 hebben ook hun weerslag op Macro1 en Mega1, en omgekeerd. Klassen die ver uit elkaar liggen zijn echter niet gelinkt: rafeling van de toplaag is zichtbaar in Macro1, niet in Waviness.

Voor de indicatoren Macro1 tot en met Waviness worden de waarden van een locatie vergeleken met de waarden van alle wegen die werden opgemeten op het moment dat het kalibratiemodel voor uw gebied het laatst werd getraind. De vlakste weg krijgt hierbij een 0 en de ruwste of meest golvende weg een 1 (de percentielen van een cumulatieve verdeling). Zo is snel te zien welke wegen er, relatief ten opzichte van de rest, goed of slecht aan toe zijn.

Naast deze vijf textuurindicatoren rapporteert PAVEsense ook de volgende geïnterpreteerde parameters:

  • miniatuur|300px|Illustratie van de IRI-schaal voor verschillende wegdekkeneIRI (estimated International Roughness Index, uitgedrukt in m/km): een internationale maat voor de ruwheid van de weg zoals die inwerkt op een voertuig. De ruwheid wordt uitgedrukt als de verticale beweging van de vering (in meter) per afgelegde kilometer. Hoe hoger de IRI, hoe oncomfortabeler de weg en hoe lager de snelheid waaraan nog comfortabel gereden kan worden. Dit is een belangrijke maat voor de huidige kwaliteit van het wegdek, inclusief de fundering. Op de detailpagina van een weg wordt naast het gemiddelde ook het 85e percentiel van de eIRI getoond (eIRI (85th pct)).
  • miniatuur|300px|Snelheidsafhankelijke IRI-drempels volgens Yu et al. (National Taipei University of Technology)Driving Quality: een geïnterpreteerde versie van de eIRI waarbij de gereden snelheid aan de IRI wordt gekoppeld om na te gaan of de weg nog voldoet aan haar functie. Hiervoor wordt de tabel uit het onderzoek van de National Taipei University of Technology gebruikt. Als snelheid geldt het 85e percentiel van alle metingen op het wegvak (85 % van de voertuigen rijdt trager dan deze snelheid). De klassen zijn Very Good, Good, Fair, Mediocre en Poor.
  • Reference speed (referentiesnelheid): het 85e percentiel van de gemeten rijsnelheden op het wegvak, in km/u. Deze snelheid wordt gebruikt bij de bepaling van de Driving Quality en is op zichzelf een nuttige indicatie van het gebruik van de weg.
  • Surface Type (wegdektype): het type verharding – asphalt, concrete, brick, cobblestone of other. Het wegdektype wordt automatisch geschat uit de metingen. Zolang deze schatting nog verandert tussen opeenvolgende meetronden, toont het portaal het label ESTIMATE. Via een annotatie van het type Surface kan u het wegdektype zelf vastleggen. De geldende annotatie heeft voorrang op de schatting en wordt op de detailpagina aangeduid met ANNOTATED. Een actuele annotatie kan afwijken van het wegdektype in een maandrapport; zie Actueel wegdektype en maandrapport.
  • Authority (wegbeheerder): de instantie die de weg beheert (bijvoorbeeld de stad of gemeente, het Agentschap Wegen en Verkeer of een privé-eigenaar). Hiermee kunnen de resultaten beperkt worden tot de wegen waarvoor u zelf verantwoordelijk bent.

Wij raden aan om in eerste instantie te focussen op:

  • Macro2 voor het prioriteren van het onderhoud van de toplaag;
  • Driving Quality / eIRI voor het prioriteren van het volledige onderhoud (inclusief funderingswerken).

Convergentie

De resultaten worden per maand aangeleverd. De maand (bijvoorbeeld 2026-09, zichtbaar in het portaal als Last results) geeft aan tot wanneer de metingen in beschouwing werden genomen. De metingen van de afgelopen maand worden altijd meegenomen, maar voor wegvakken die in die maand onvoldoende bereden werden, kunnen ook oudere metingen worden gebruikt.

Voor de textuurindicatoren Macro1 tot en met Waviness geldt hiervoor het volgende convergentiecriterium:

  • beschouw enkel metingen met een rijsnelheid tussen 20 km/u en 130 km/u;
  • neem minimaal de metingen van de afgelopen 30 dagen in rekening;
  • indien in deze periode minstens 2 metingen met minstens 2 verschillende voertuigen gebeurden, ga na of
    • de snelheid minder dan 30 % verschilt van de 85e-percentielsnelheid;
    • de standaardafwijking van het geluidsniveau in bepaalde frequentiebanden kleiner is dan 4 dB;
    • de standaardafwijking op de 1 m-band kleiner is dan 4 dB (deze lengteschaal komt overeen met laagfrequent geluid, afhankelijk van de gereden snelheid);
  • is het criterium niet bereikt, neem dan ook eerdere metingen in beschouwing tot het criterium wél bereikt is. De maximale leeftijd van een meting is hierbij 500 dagen (voor erg weinig bereden straten).

Voor de eIRI worden dezelfde passages geselecteerd als voor de textuurindicatoren; het gemiddelde van de eIRI over die passages wordt als eIRI-waarde van de locatie gerapporteerd. Uit onderzoek blijkt dat dit de beste correlatie met referentiemetingen geeft.

Ook niet-geconvergeerde resultaten worden aangeleverd, maar deze zijn gevoeliger voor ruis en toevallige gebeurtenissen (een tak op de weg, een voertuig dat even over de berm rijdt om een tegenligger te kruisen, …). In het portaal is de convergentiestatus op drie plaatsen zichtbaar:

  • op de kaart kan gefilterd worden op SCCR converged (de convergentie van de textuurindicatoren Macro1–Waviness) en op Surface converged (de schatting van het wegdektype is stabiel);
  • op de detailpagina van een weg of segment staat bij Texture measured en eIRI measured het label ESTIMATE zolang de betreffende resultaten nog niet geconvergeerd zijn;
  • bij het automatisch geschatte wegdektype staat hetzelfde label zolang de schatting nog niet stabiel is. Is een Surface-annotatie van kracht, dan toont de detailpagina ANNOTATED. Dit bevestigt een annotatie van het wegdektype, niet de convergentie van de meetwaarden.

Automatische kalibratie en termijn voor nieuwe data

Na de installatie van een sensor in een meetvoertuig worden onmiddellijk en zonder enige tussenkomst van de gebruiker of bestuurder metingen verzameld. Niet alles kan echter meteen verwerkt worden.

Voor de schalen Macro1 tot en met Waviness moeten de gegevens eerst gekalibreerd worden met andere metingen op dezelfde locaties. Dat gebeurt automatisch, maar vereist voldoende overlappende metingen (een tienduizendtal). Reken op een drietal maanden. Vanaf de vierde maand ontvangt u de verwerkte meetgegevens van deze sensoren, met terugwerkende kracht: ook de eerder opgemeten maanden worden dan bijgewerkt met de gekalibreerde gegevens.

De eIRI en de Driving Quality worden rechtstreeks berekend uit de opgenomen trillingsgegevens. Hiervoor is geen kalibratie nodig: deze indicatoren kunnen al na de reguliere verwerking beschikbaar zijn, zonder de kalibratieperiode voor de textuurindicatoren af te wachten.

Het portaal

Open uw meetgebied via PAVEsense → Areas. Wilt u een straat beoordelen, zoek die dan in Data table en open de detailpagina. Gebruik Map voor een ruimtelijk overzicht, Coverage om te zien waar de meetvloot gereden heeft en Export om de gegevens verder te analyseren.

Aanmelden en navigatie

Meld u aan op portal.asasense.com met het e-mailadres en het wachtwoord die u van ASAsense ontving. Via Forgot password kan u een nieuw wachtwoord aanvragen; via Remember me for 30 days blijft u aangemeld op uw toestel.

Na het aanmelden vindt u in de donkere zijbalk links de rubriek PAVEsense met daaronder Areas (uw meetgebieden). Klik op de naam van een gebied om het te openen; hebt u toegang tot meerdere gebieden, dan staan ze hier allemaal opgelijst. De zijbalk kan met de pijltjes bovenaan worden in- en uitgeklapt om meer ruimte te maken voor de kaart of tabel. Verder bevat de zijbalk:

  • User Profile: uw naam, e-mailadres en de mogelijkheid om een nieuw wachtwoord in te stellen (vul New Password in en klik Save);
  • Documentation: een link naar deze documentatie;
  • Logout: afmelden.

Ook Devices, Vehicles, Trips, Device Handlings, Interventions en Annotation Types zijn onder PAVEsense samengebracht, voor zover uw account daar toegang toe heeft. Bestaande links naar de vroegere rubrieken worden doorgestuurd naar de nieuwe plaats.

Bovenaan elke pagina toont een kruimelpad (bijvoorbeeld Pavesense / Areas / 8 / Table) waar u zich bevindt; elk onderdeel is aanklikbaar om terug te keren.

De gebiedspagina

Eens een gebied geopend is, ziet u bovenaan de naam van het gebied en vier tabbladen:

  • Data table: de tabelweergave, om wegen of segmenten te sorteren en te filteren op de meetparameters;
  • Map: de kaartweergave met kleurcodering, filters en grafieken;
  • Export: het exporteren van de resultaten als CSV, Excel of ESRI-shapefile;
  • Coverage: de meetdekking van het wegennet (hoeveel passages per wegvak).

Rechts van de tabbladen staan drie elementen die op alle tabbladen terugkomen:

  • Annotation edits: een overzicht van de recente groepsbewerkingen van annotaties, met de mogelijkheid om een volledige groep in één keer ongedaan te maken (zie Annotaties);
  • Last results: de maand van de meest recente resultaten (bijvoorbeeld 2026-09);
  • Data version: het versienummer van de dataset die het portaal toont. Vermeld dit nummer wanneer u ASAsense contacteert met een vraag over de resultaten.

Wegennet en historiek

PAVEsense bewaart de samenhang tussen opeenvolgende versies van het wegennet. Een kleine verschuiving van de geometrie, een gewijzigde bronnummering of een gecorrigeerde wegrichting hoeft daardoor geen nieuwe weg op te leveren: de weg kan als dezelfde weg herkend worden, met behoud van de gekoppelde metingen. Ook voor vervallen wegen wordt naar een opvolger gezocht.

De aangeleverde weggegevens bevatten geldigheidsdatums; alleen geldige wegen worden in de klantgegevens opgenomen. Een gewijzigd aantal wegen betekent daarom niet automatisch dat metingen verloren zijn. Controleer bij een vergelijking zowel de gekozen maand als de weg- of segmentidentificatie en de geldigheid van het wegennet.

PAVEscan-bestanden raadplegen

Als voor uw gebied PAVEscan-bestanden beschikbaar zijn, kan u ze via de bestandslijst op de gebiedspagina raadplegen en downloaden. Een melding dat deze lijst niet kon worden geladen betekent dat de bestanden tijdelijk niet konden worden opgehaald. Dat is iets anders dan een lege lijst zonder beschikbare scans. De gebiedspagina blijft in dat geval toegankelijk.

Probeer de lijst later opnieuw te laden. Blijft de melding terugkomen, geef dan de gebiedsnaam en de melding door aan ASAsense; zie Contact.

Schalen en kleuren

De meeste resultaten zijn numerieke waarden:

  • Macro1 tot en met Waviness worden uitgedrukt met een waarde tussen 0 (beste weg) en 1 (slechtste weg);
  • de eIRI is een waarde groter dan 0 (in m/km) zonder harde bovengrens: hoe hoger, hoe ruwer de weg;
  • de Driving Quality en het wegdektype zijn klassen.

Om numerieke resultaten op de kaart te tonen kiest men een kleurenschaal met een onder- en bovengrens (Gradient). Waarden op of onder de ondergrens zijn blauw; daarboven verloopt de kleur via groen en geel naar rood voor waarden op of boven de bovengrens.

Een lineaire indeling (ondergrens 0, bovengrens 1) verdeelt de kleuren gelijkmatig over het volledige bereik:

600px|Lineaire schaal van 0 tot 1

Men kan ook alles onder een bepaalde drempel blauw kleuren en enkel daarboven laten variëren. Zo ziet men meer detail in de wegen die slechter scoren. Met ondergrens 0,8 en bovengrens 1 spreekt men van de 80/20-schaal:

600px|80/20-schaal: alles onder 0,8 is blauw

In het portaal staat de kleurenschaal voor Macro1–Waviness standaard op 0,5 – 1 en voor de eIRI op 0 – 10. Beide grenzen kunnen vrij aangepast worden in het paneel Appearance van de kaart (zie Weergave). Voor de Driving Quality en het wegdektype gebruikt de kaart een vaste klassenlegende.

De tabelweergave (Data table)

Het tabblad Data table toont de meest recente resultaten (de maand vermeld bij Last results) in tabelvorm. Dit is de snelste manier om de wegen of segmenten te vinden die goed of slecht scoren op een bepaalde parameter, of om een straat op te zoeken op naam.

Kolommen

Standaard toont de tabel per rij de volgende kolommen: Road Id (of Segment Id), Road Name, Surface Type, Reference speed, Macro1, Macro2, Mega1, Mega2, Waviness, eIRI, Driving quality en Authority. Een lege cel betekent dat er voor die parameter (nog) geen resultaat is, bijvoorbeeld omdat de eIRI voor dat wegvak niet berekend kon worden. Op smallere schermen kan de tabel horizontaal gescrold worden.

Met het oog-icoon 18px|link= (Select displayed columns in the table) kiest u welke kolommen getoond worden: zet de schakelaar van een kolom uit om ze te verbergen. Met het handvat links van elke kolomnaam kan u de kolommen bovendien in een andere volgorde slepen.

Weg of segment

Met de schakelaar road / segment rechts in de filterbalk kiest u het detailniveau:

  • road: één rij per weg (van kruispunt tot kruispunt), met een numeriek Road Id;
  • segment: één rij per segment van circa 20 m, met een Segment Id van de vorm map-61-0-l1 (weg 61, segment 0, rijstrook 1).

Voor een prioritering per straat werkt u best op wegniveau; om de exacte locatie van een defect binnen een straat te vinden, schakelt u over naar segmentniveau.

Sorteren

Klik op een kolomtitel om de tabel op die kolom te sorteren. Een eerste klik sorteert oplopend (pijltje omhoog), een tweede klik aflopend, een derde klik heft de sortering op. Sorteer bijvoorbeeld aflopend op Macro2 om de wegen met de meest versleten toplaag bovenaan te krijgen.

Filteren

De filterbalk boven de tabel bevat een knop per filterbare kolom. Standaard staan de filters ID, STREET NAME, SURFACE TYPE, REFERENCE SPEED en AUTHORITY klaar. Klik op een knop om het filter te openen:

  • tekstfilters (ID, STREET NAME, AUTHORITY): typ (een deel van) de tekst en bevestig met Enter; de tabel toont dan enkel de rijen die de tekst bevatten;
  • keuzefilters (SURFACE TYPE, DRIVING QUALITY): kies een waarde uit de lijst (-- None -- heft de keuze op);
  • bereikfilters (REFERENCE SPEED, MACRO1, MACRO2, MEGA1, MEGA2, WAVINESS, eIRI): vul een minimum en/of maximum in.

Een actief filter is herkenbaar aan de waarde tussen haakjes op de knop, bijvoorbeeld STREET NAME (Klaproos). Filters die niet in de balk staan, voegt u toe met het trechter-icoon 18px|link= helemaal links (Filter on other columns not shown): zet de schakelaar van de gewenste kolom aan en de bijbehorende filterknop verschijnt in de balk. Met het herstel-icoon 18px|link= (Remove all filters) wist u alle filters in één keer.

Voorbeeld: om alle betonwegen met een Macro2 hoger dan 0,9 te vinden, kiest u SURFACE TYPE = Concrete, voegt u via de trechter het filter MACRO2 toe en vult u daar Min value = 0,9 in.

Paginering

Onderaan de tabel kiest u het aantal rijen per pagina (Items per page: 10, 20, 50, 100, 200, 500 of 1000) en bladert u met de pijltjes door de pagina's. De teller (bijvoorbeeld 1 – 10 of 3091) toont hoeveel rijen aan de huidige filters voldoen.

Een rij openen

Klik op een rij (bijvoorbeeld op de straatnaam) om de detailpagina van die weg of dat segment te openen, met alle waarden, een kaartje en de annotaties.

Rijen selecteren en annoteren

Met de selectievakjes links van de rijen selecteert u één of meer wegen of segmenten. Het vakje in de kolomtitel selecteert in één keer alle wegen die aan de huidige filters voldoen, ook die op de volgende pagina's; filter dus eerst (bijvoorbeeld op straatnaam) en selecteer daarna alles. Zodra er een selectie is, verschijnt boven de tabel de gele balk … roads selected met de knop Annotate … roads, waarmee u aan alle geselecteerde rijen in één keer dezelfde annotatie toevoegt. Zie Annotaties voor de werkwijze.

De detailpagina van een weg of segment

De detailpagina opent door in de tabel op een rij te klikken, of door op de kaart op een weg te klikken en View details te kiezen. Met het pijltje links van de naam keert u terug.

Informatiepaneel

Het paneel INFO toont de waarden van de weg of het segment: wegdektype, referentiesnelheid, Macro1, Macro2, Mega1, Mega2, Waviness, eIRI, eIRI (85e percentiel), Driving Quality en wegbeheerder. Daaronder staan de meetperiodes:

  • Texture measured: de datum of periode van de metingen waarop de textuurindicatoren Macro1–Waviness gebaseerd zijn;
  • eIRI measured: de datum of periode van de metingen waarop de eIRI gebaseerd is.

Het label ESTIMATE bij een meetwaarde of meetperiode wijst op een nog niet geconvergeerd resultaat; zie Convergentie. Beweeg met de muis over een label voor de toelichting. Controleer ook de geselecteerde maand: een historische pagina toont de meetresultaten van die maand.

Actueel wegdektype en maandrapport

Bij Surface Type toont de detailpagina de momenteel geldende wegdekannotatie, als die er is. Ze krijgt het label ANNOTATED en heeft voorrang op de automatische schatting. Beweeg over het label om de datum van de annotatie te bekijken en te zien welk wegdektype het maandrapport nog vermeldt.

Het maandrapport is een momentopname die op de eerste dag van de maand wordt vastgelegd. Een later toegevoegde annotatie wordt al op de detailpagina zichtbaar, terwijl het maandrapport nog de eerdere waarde kan tonen. Dat verschil is dus mogelijk zonder dat de annotatie mislukt is. Het actuele wegdeklabel op de detailpagina hoeft ook niet de toestand in een geselecteerde historische maand weer te geven.

Voorbeeld: u corrigeert een weg op 18 september van asfalt naar beton. Als deze annotatie dan geldig is, ziet u op de detailpagina beton met ANNOTATED. De momentopname van 1 september kan nog asfalt vermelden; de toelichting bij het label maakt dit verschil zichtbaar. Houd bij het vergelijken van maanden de meetwaarden en de actuele terreinkennis uit elkaar.

Meetgeschiedenis en historische maanden

Op de detailpagina van een weg of segment staan maandgrafieken voor eIRI en de macro- en megatextuur. Zo kan u trends en uitschieters bekijken zonder eerst te exporteren. De lijngrafiek met Waviness is de standaardweergave; ook de spreiding van de eIRI wordt getoond.

  1. Open de gewenste weg of het segment en bekijk de meetgeschiedenis.
  2. Zoom op de horizontale as om de relevante periode te bekijken. Zoom onafhankelijk op de verticale as om verschillen in meetwaarden beter te zien.
  3. Open de maand die u wil onderzoeken. Een oudere maand is herkenbaar aan Legacy Recording: dit betekent dat u historische meetresultaten bekijkt.
  4. Controleer de meetperiode en convergentie voordat u een verandering interpreteert. Door de convergentieregels kunnen opeenvolgende maandresultaten deels op dezelfde passages berusten.

Kiest u eerst een oudere maand via Month op de gebiedskaart en opent u daarna een weg, dan blijft die maand geselecteerd op de detailpagina. De maand kan in de paginalink worden vastgelegd; bewaar of deel de link van de geopende maand om later hetzelfde resultaat terug te vinden. De ontvanger heeft toegang tot het gebied nodig.

Voorbeeld: om het effect van een herstelling te onderzoeken, vergelijkt u de maanden vóór en na de ingreep. Zoom in op die periode, bekijk zowel eIRI als de relevante textuurindicator en controleer of de metingen na de ingreep liggen. Een gunstigere kleur alleen is onvoldoende: gebruik bij vergelijking dezelfde kleurenschaal en houd rekening met de convergentie.

Foto's

In het vak Drop images here or click to upload kan u foto's van de weg of het segment toevoegen, bijvoorbeeld van schade of een uitgevoerde herstelling. Sleep de bestanden in het vak of klik erop om ze te selecteren. Foto's met locatiegegevens krijgen een eigen pin op het kaartje.

Klik op een fotopin om de bijbehorende foto te openen en blader vervolgens door de fotocarrousel. Zo kan u een vaststelling in beeld koppelen aan de locatie en de meetresultaten. Een foto zonder locatiegegevens biedt op zichzelf geen exacte plaatsbepaling op de kaart.

Kaartje en segmentnavigatie

Het kaartje rechts toont de geselecteerde weg of het segment in het blauw (Current), de omliggende wegen in het oranje (Surrounding) en wegen zonder gegevens gestippeld (No data). De knoppen links op het kaartje zijn zoomen 18px|link=, volledig scherm 18px|link=, een zwart-witte achtergrondkaart 18px|link= en de keuze van de achtergrondkaart 18px|link=. Achtergrondlagen, zoeken en volledig scherm werken zoals op de gebiedskaart en de dekkingskaart; zie Navigeren op de kaart. Met de knop Area map springt u naar de kaart van het gebied, gecentreerd op deze weg.

Boven het informatiepaneel staat de segmentbalk: per rijstrook (1 LANE, 2 LANES, …) een knop per segment (Seg 1, Seg 2, …). Klik op een segment om de waarden van dat segment van 20 m te bekijken; op een segmentpagina brengt de knop met de straatnaam u terug naar de volledige weg. Een segment waarvoor nog geen resultaten beschikbaar zijn, toont een streepje in plaats van een waarde.

Annotaties op de detailpagina

Het paneel ANNOTATIONS toont de actieve annotaties van de weg of het segment met hun type, waarde en geldigheidsperiode. Op een segmentpagina schakelt u met This segment en Road tussen de annotaties van het segment zelf en die van de volledige weg. Controleer dit onderscheid voordat u een annotatie toevoegt.

Met de knop 18px|link= voegt u een annotatie toe. Via 18px|link= (View history) bekijkt u de historiek. Eerdere, vervangen annotaties kan u ook openklappen via Show N earlier annotations, waarbij N het aantal eerdere annotaties is. Zo blijft de voorgeschiedenis beschikbaar naast de actuele waarde. Zie Annotaties bekijken en ongedaan maken.

De kaartweergave (Map)

Het tabblad Map toont de resultaten op een interactieve kaart. Links staan de kaartknoppen en de zoekbalk, bovenaan de schakelaar Road / Segment en de tekenknop, en rechts het paneel met de weergave-instellingen (Appearance) en de filters (Filters). Het paneel kan met het pijltje aan de rand worden ingeklapt om de kaart over de volledige breedte te tonen. De gestippelde zwarte lijn op de kaart is de grens van uw gebied.

U kan in- en uitzoomen en de kaart verslepen zoals u dat van andere online kaarten gewend bent (muiswiel, dubbelklik, slepen). De knoppen links op de kaart:

Knop Functie
18px|link= Zoom in / Zoom out.
18px|link= View fullscreen: de kaart op volledig scherm; druk op Esc om terug te keren.
18px|link= Fit to data: past de kaart eenmaal aan de gegevens aan. Het is een eenmalige actie; de kaart blijft daarna vrij te verslepen en te zoomen.
18px|link= Black & white basemap: schakelt de grijze achtergrondkaart aan of uit, zodat de gekleurde wegen beter opvallen.
18px|link= Layers: kies een achtergrondkaart, zoals Streets, Ortho of ESRI Satellite. De ortho-bronnen zijn voor gebruikers samengebracht in één laag Ortho. De beschikbare beelden hangen af van de locatie.

De bediening voor achtergrondlagen, zoeken, volledig scherm en lagen is gelijk op Map, Coverage en het kaartje op de detailpagina. Zwart-wit is een instelling van de kaart en werkt op alle achtergrondlagen. Bij verder inzoomen wordt de weggeometrie met meer detail weergegeven, zodat bochten en rotondes beter hun vorm behouden.

Zoeken

In de zoekbalk linksboven (Search road/segment id, address or coordinates) kan u drie soorten zoekopdrachten ingeven; bevestig met Enter of het vergrootglas:

  • een weg- of segment-id, bijvoorbeeld 63, road-63 of map-63-1-l1: de kaart zoomt naar die weg of dat segment en licht het op;
  • een adres, bijvoorbeeld Haagdoornsstraat of Stad 1, Hamont-Achel: de kaart zoomt naar de locatie en markeert ze met een groene cirkel;
  • coördinaten (breedtegraad, lengtegraad in decimale graden), bijvoorbeeld 51.25, 5.55.

Zoeken verplaatst de kaart naar een locatie; het stelt geen gegevensfilter in. Een gevonden weg kan door uw actieve filters buiten de getoonde resultaten vallen. Pas die filters aan als u de weg ook wil beoordelen. Enkel locaties binnen de grenzen van het gebied worden aanvaard. Met het kruisje in de zoekbalk wist u de zoekopdracht en de markering.

Weg of segment op de kaart

Met de schakelaar Road / Segment bovenaan de kaart kiest u, net als in de tabel, of de kleuren per weg (kruispunt tot kruispunt) of per segment van 20 m worden getoond. De segmentweergave toont meer detail, de wegweergave geeft een rustiger overzicht van het volledige netwerk.

Details van een weg opvragen

Klik op een weg of segment om een pop-upvenster te openen met de naam, het wegdektype, Macro2, Mega2, Waviness, de gemiddelde eIRI, de Driving Quality, de 85e-percentielsnelheid en de wegbeheerder (voor een segment ook het segmentnummer en de rijstrook). De knop View details opent de detailpagina voor de maand die op de kaart geselecteerd is. Bij een oudere maand krijgt die pagina het label Legacy Recording; u springt dus niet ongemerkt naar de recentste resultaten.

Weergave (Appearance)

Bovenaan het rechterpaneel kiest u onder Color by welke parameter de kleur van de wegen bepaalt: Macro1, Macro2, Mega1, Mega2, Waviness, eIRI (avg), Speed (85th %), Driving Quality of Surface Type.

Voor numerieke parameters stelt u onder Gradient de onder- en bovengrens van de kleurenschaal in (zie Schalen en kleuren). Voor Macro1–Waviness horen beide grenzen tussen 0 en 1 te liggen; voor de eIRI is 0 – 10 een goede keuze. Voor de Driving Quality kiest u de klassen die als "beste" en "slechtste" uiteinde van de schaal gelden (standaard Very Good tot Poor). Bij Surface Type is er geen gradiënt: de kaart toont dan een vaste legende linksonder (Asphalt, Brick, Cobblestone, Concrete, Other, No data).

De weergave staat los van de filters: u kan bijvoorbeeld kleuren op Macro2 en tegelijk filteren op eIRI. Bij een andere keuze onder Color by worden de geladen wegen meteen opnieuw gekleurd; uw kaartpositie blijft behouden.

Filters

Onder Filters beperkt u welke wegen op de kaart getoond worden. De filters werken cumulatief. Zodra een filter actief is, verschijnt naast de titel Filters een teller met de knop Clear, die alle filters in één keer wist; elk filterblok met een actieve keuze krijgt bovendien een eigen teller en een knop Reset.

  • Month: de maand van de resultaten. Standaard is de recentste maand geselecteerd; klik op een andere maand (de lijst scrolt horizontaal, tot de eerste maand met resultaten) om de toestand van het wegennet op dat moment te bekijken en zo de evolutie in de tijd op te volgen.
  • Converged: SCCR converged (textuurindicatoren) en Surface converged (wegdektype), telkens met Yes / No. Kies Yes om enkel de resultaten te tonen die aan het betreffende convergentiecriterium voldoen; klik nogmaals om de keuze op te heffen.
  • Surface Type en Driving Quality: staafdiagrammen met het aantal wegen per klasse. Klik op een staaf om enkel die klasse te tonen; klik op meerdere staven om klassen te combineren. Beweeg over een staaf voor het exacte aantal. Met het pijltje voor de titel kan u een blok inklappen.
  • Road Authority: de wegbeheerders met per beheerder het aantal wegen. Klik op een beheerder om enkel diens wegen te tonen (bijvoorbeeld enkel de gemeentewegen, zonder de gewestwegen).
  • Speed (85 %), eIRI avg, Waviness, Mega1, Mega2, Macro1, Macro2: schuifregelaars met een onder- en bovengrens. Sleep de knoppen om bijvoorbeeld enkel de wegen met een Macro2 boven 0,8 te tonen.

Voorbeeld: om de gemeentewegen te vinden die in aanmerking komen voor een nieuwe toplaag, kiest u Color by = Macro2, klikt u onder Road Authority op uw gemeente, zet u SCCR converged op Yes en schuift u de ondergrens van Macro2 naar 0,8.

De kaart bewaart reeds geladen gegevens. Een smaller filter kan daardoor direct worden toegepast; bij verschuiven of zoomen worden alleen nog ontbrekende delen opgehaald. Uw zoomniveau blijft behouden bij het filteren. Een kleine laadindicator laat zien dat er gegevens worden opgehaald, terwijl de kaart zichtbaar blijft. Wacht tot het laden afgerond is voordat u de nieuwe weergave beoordeelt.

Tekenen om wegen te selecteren

Met de tekenknop 18px|link= rechtsboven op de kaart (Draw across roads to bulk-annotate) activeert u de tekenmodus: de cursor wordt een kruisje. Teken met ingedrukte muisknop een lijn over de kaart; alle wegen die de lijn kruist, lichten oranje op. Onderaan verschijnt de balk … roads selected met de knoppen Annotate … roads en Cancel. Zo voegt u bijvoorbeeld in één beweging een annotatie Repair toe aan alle straten van een wijk waar de toplaag vernieuwd werd. Controleer de selectie in het annotatievenster en vink wegen uit die u niet wil wijzigen. Klik nogmaals op de tekenknop om de tekenmodus te verlaten.

Maanden vergelijken op de kaart

Kies onder Month achtereenvolgens de maanden die u wil vergelijken. Houd de parameter onder Color by, de kleurgrenzen en de overige filters gelijk, zodat u dezelfde selectie op dezelfde schaal beoordeelt. Open een weg of segment om de verandering nader te bekijken in de meetgeschiedenis.

Annotaties

Met annotaties voegt u eigen terreinkennis toe aan de resultaten: een vastgestelde schade, een uitgevoerde herstelling, een tijdelijke hindernis, een snelheidsregime of het correcte wegdektype. Annotaties zijn zichtbaar op de detailpagina van de weg of het segment. Welke annotaties en typen u kan zien of wijzigen, hangt af van uw toegangsrechten en de instellingen van uw organisatie.

Een annotatie toevoegen

Een annotatie kan op drie manieren worden aangemaakt: met de knop 18px|link= op de detailpagina van één weg of segment, via de selectievakjes en de knop Annotate … roads in de tabel, of via een getekende lijn op de kaart. Het venster gebruikt dezelfde gegroepeerde typekeuze als de andere annotatieschermen. Kies de passende groep en het type; de beschikbare waarden volgen uit dat type. In het venster vult u in:

  • Type en Value:
    • Damage (schade): kies de schadesoort uit de lijst – spoorvorming, langs-, dwars- of krokodillenscheuren, rafeling, putten, verzakking, ontmenging, vetuitslag, randschade, hoekafbraak, voegschade, trapvorming, afschilfering, polijsting, opdrukking, ontbrekende, verzakte of beschadigde elementen, voegvervuiling, onkruidgroei, wateroverlast, vervuiling of Other;
    • Obstruction (hindernis): vrije omschrijving, bijvoorbeeld een wegversmalling of werfzone;
    • Repair (herstelling): kies de ingreep – overlagen, affrezen en overlagen, plaatselijke herstelling, voegvulling, bestrijking, slemlaag, scheurinjectie, reprofilering, dunne asfaltlaag, oppervlaktebehandeling, betonherstelling, elementenherstelling, vervanging funderingslaag of Other;
    • Speed limit: de snelheidsbeperking in km/u;
    • Surface: het wegdektype (Asphalt, Concrete, Brick, Cobblestone of Other). Zolang deze annotatie van kracht is, krijgt dit wegdektype voorrang op de automatische schatting. Zie Actueel wegdektype en maandrapport.
  • Date (from): de datum vanaf wanneer de annotatie geldt (jjjj-mm-dd, of kies een datum met de kalender);
  • Valid until (optioneel, bij annotaties vanaf de detailpagina of de kaart): de einddatum. Laat het veld leeg voor een annotatie zonder einddatum; na de einddatum verhuist de annotatie naar de historiek;
  • Reason (optioneel, bij groepsannotaties vanuit de tabel): een korte toelichting, bijvoorbeeld "wegenwerken";
  • Temporary change (bij groepsannotaties vanuit de tabel): vink dit aan voor een tijdelijke wijziging (bijvoorbeeld wegenwerken), zodat de groep later eenvoudig in één keer ongedaan gemaakt kan worden.

Bij een annotatie vanaf de kaart toont het venster bovenaan een kaartje van de selectie en de lijst Roads in selection; met de selectievakjes kan u wegen uit de selectie weglaten. Vanuit de tabel volgt na Review & confirm een samenvatting; bevestig met Confirm & save. Een groepsannotatie wordt op de geselecteerde wegen of segmenten toegepast en als één bewerking gegroepeerd. Controleer vóór het opslaan het aantal locaties, het detailniveau en de geldigheidsdatums.

Annotaties bekijken en ongedaan maken

De actieve annotaties staan op de detailpagina onder Annotations. Open View history 18px|link= voor de historiek; met Show N earlier annotations kan u eerdere, vervangen annotaties weer zichtbaar maken. De wijzigingsgeschiedenis legt vast wie wat wijzigde en laat toe een wijziging terug te draaien, als u daarvoor de rechten hebt.

Groepsbewerkingen vindt u via Annotation edits bovenaan de gebiedspagina. Open de betreffende bewerking, controleer op welke locaties ze betrekking heeft en maak ze zo nodig in één keer ongedaan. Dit is bijvoorbeeld bruikbaar na een foutieve groepsinvoer. Controleer daarna op een betrokken detailpagina welke annotatie nu van kracht is.

Voor het wegdektype geldt telkens één effectieve Surface-annotatie. Bij het verwijderen of terugdraaien van zo'n wijziging berekent PAVEsense de geldende wegdekwaarde opnieuw. Ga daarom niet zonder controle uit van een bepaalde vorige waarde: de resterende annotaties en hun geldigheid bepalen wat nu geldt. De bewerkingsgeschiedenis blijft bewaard.

Annotatietypen en groepen beheren

Via PAVEsense → Annotation Types kan u de beschikbare annotatietypen beheren, voor zover uw account daarvoor rechten heeft. Naast de standaardtypen kan uw organisatie eigen typen vastleggen. Ook klantgebruikers kunnen groepen aanmaken om verwante typen samen te brengen.

  1. Open Annotation Types en kies de groep waarin het type thuishoort, of maak een passende groep aan.
  2. Maak een type aan of bewerk een bestaand type. Geef het een duidelijke betekenis en stel de toegestane waarden in volgens de mogelijkheden van het type.
  3. Gebruik de aangeboden vaste keuzelijsten waar die passen bij uw registratie, waaronder de beschikbare AWV- en SB250-keuzes. Zo gebruiken collega's dezelfde termen voor vergelijkbare vaststellingen.
  4. Sla het type op. Het komt beschikbaar in de gegroepeerde typekeuze voor de gebruikers die er toegang toe hebben.

Ook typen hebben een wijzigingsgeschiedenis en een mogelijkheid om wijzigingen terug te draaien. Een wijziging aan een type gaat over de definitie en de toegestane waarden; een annotatie legt een concrete vaststelling op een weg of segment vast. Gebruik de typehistoriek voor het eerste en de annotatiehistoriek voor het tweede.

Exporteren (Export)

Op het tabblad Export downloadt u de resultaten van een maand voor uw eigen GIS- of kantoortoepassing. Controleer bij elke export zowel de maand en het detailniveau als het geografische bereik.

  1. Kies onder Month and Year de maand waarvoor u wil exporteren.
  2. Kies Road-level voor één rij per weg met de weggeometrie, of Segment-level voor één rij per segment van circa 20 m met het segment_id en de segmentgeometrie.
  3. Kies het formaat in de onderstaande tabel.
  4. Controleer in de exportdialoog het bereik. Als er een getekende regio aanwezig is, wordt die gebruikt om de export geografisch te beperken. Controleer die regio als u juist het hele gebied nodig hebt. Een selectie van wegen voor een annotatie is niet op zichzelf een bevestiging van het exportbereik.
  5. Start de download. Tijdens het voorbereiden toont het portaal een voortgangsindicator. Wacht tot de voorbereiding en de download voltooid zijn voordat u dezelfde export opnieuw start.
Formaat Gebruik en aandachtspunten
CSV Tekstbestand voor verdere verwerking in een GIS-pakket, rekenblad of andere analysetoepassing. CSV-export is ook beschikbaar op segmentniveau. Kies CSV wanneer het resultaat te groot is voor XLSX; een rekenbladprogramma kan ook bij het openen van een CSV zijn eigen rijlimiet toepassen.
Excel (XLSX) Wordt op de server opgebouwd, zodat uw browser grote bestanden niet zelf hoeft om te zetten. Bij overschrijding van de spreadsheetlimiet van 1.048.576 rijen verschijnt een melding om CSV te gebruiken. Kies dan CSV of beperk het exportbereik.
ESRI Shapefile Gezipt bestand voor onder meer QGIS en ArcGIS. Het formaat beperkt kolomnamen tot 10 tekens, waardoor namen ingekort kunnen zijn.

De dekkingskaart heeft daarnaast een eigen CSV-download voor de dekkingsgegevens. Die gegevens beschrijven passages; de resultaatsexport beschrijft de berekende wegkwaliteit.

Meer exportmogelijkheden, zoals WMS, WFS en andere GeoServer-diensten, zijn beschikbaar op aanvraag via info@asasense.com.

Meetdekking (Coverage)

Het tabblad Coverage toont hoe goed het wegennet door de meetvloot wordt gedekt, onder meer via het aantal passages per wegvak. Gebruik het om niet of weinig bereden straten op te sporen. Een groot aantal passages is op zichzelf geen bewijs van goede wegkwaliteit of convergentie; daarvoor bekijkt u de meetresultaten en de convergentiestatus.

De afzonderlijke pagina PAVEsense → Coverage is beschikbaar volgens uw abonnement. De dekkingsweergave binnen een meetgebied blijft toegankelijk voor de klanten aan wie dat gebied toebehoort. Ziet u een verwachte toegang niet, laat ASAsense dan uw abonnement en gebiedstoegang controleren.

Legende en statistieken

Met de menuknop 18px|link= rechtsboven op de kaart opent u de legende. Voor de passageweergave zijn de gebruikelijke klassen 0 (zwart), 1–2 (rood), 3–4 (oranje), 5–6 (geel), 7–8 (groen) en 9 of meer (blauw). Met de selectievakjes toont of verbergt u een klasse; vink 0 passages aan om ook onbemeten wegen te zien. Met Edit past u de kleuren en klassengrenzen aan. Lees altijd de legende van de actieve laag.

Onder de legende kan u het paneel Statistics openklappen. Het toont per passageklasse het aantal kilometer weg, de gedekte lengte en het percentage (Covered) en de totale netwerklengte (Network). Het gaat om weglengte, niet om het aantal straten. De cijfers volgen de actieve filters en de gekozen geografische afbakening.

Met Show area kiest u de afbakening:

  • Whole area: het volledige ingestelde gebied; bij een afbakening als bounding box omvat dit de rechthoek rond het gebied.
  • Full city outline: alleen het netwerk binnen de volledige gemeentegrens.
  • Deelgebied of district: een beschikbare kleinere afbakening, bijvoorbeeld om wijken onderling te bekijken.

De kaart dimt het gebied buiten de gekozen afbakening en toont de relevante grenzen. Een meetgebied kan ook met een complexe grensvorm zijn ingericht; filters en statistieken volgen die vorm. Gebruik voor vergelijkingen dezelfde afbakening, periode en wegcategorieën. Anders kan een gewijzigd dekkingspercentage voortkomen uit een ander geselecteerd netwerk.

Filters op de dekkingskaart

De filterbalk boven de kaart werkt zoals in de tabel: klik op een knop om een filter te openen, gebruik het trechter-icoon 18px|link= om extra filters toe te voegen en het herstel-icoon 18px|link= om alle filters te wissen. Beschikbare filters:

  • Roadtype: de wegcategorieën (motorway, trunk, primary, secondary, tertiary, unclassified, residential, living street, de bijbehorende op- en afritten, road en uncoded/other). Verwijder een categorie met het kruisje of voeg er een toe via het zoekveld; zo kan u bijvoorbeeld de dekking van enkel de woonstraten bekijken;
  • Surface: één of meer wegdektypes;
  • Authority: de wegbeheerder;
  • Daterange: de periode waarin de passages plaatsvonden, met de snelkeuzes Last Week, Last Month en Last Year of een eigen datumbereik (dd/mm/jjjj – dd/mm/jjjj). Zo ziet u bijvoorbeeld welke straten de voorbije maand bereden werden;
  • StateId en DeviceId: beperking tot de passages van één bepaalde sensor (identificatie zoals afgesproken met ASAsense).

De filters voor Roadtype en Surface ondersteunen meerdere keuzes en beperken zowel de kaart als de statistieken. U kan bijvoorbeeld woonstraten met een asfaltverharding selecteren en vervolgens onder Show area één district kiezen om de dekking van juist dat netwerk te beoordelen.

Klik op een wegvak voor een pop-upvenster met de wegcategorie en het aantal passages. Vanuit de dekkingskaart kan u doorklikken naar de bijbehorende ritten; zie Ritten raadplegen en downloaden.

Lagen

Met het oog-icoon 18px|link= (Toggle layers) beheert u welke gegevenslagen zichtbaar zijn. De laagnaam en de bijbehorende legende geven aan wat de kleuren betekenen.

Laag of gegeven Wat u ermee beoordeelt
Passages, waaronder Device Passages Hoe vaak een wegvak bereden is. Combineer Device Passages zo nodig met DeviceId om passages van een bepaalde sensor te bekijken.
Device Count Hoeveel verschillende meetvoertuigen het wegvak hebben bereden. Lees hiervoor de legende van deze laag.
Pavement Condition De toestand van het wegdek. Deze laag heeft een kwaliteitsbetekenis en mag niet als passageaantal worden gelezen. Gebruik de eigen kwaliteitslegende.

Het convergentiecriterium vraagt onder meer metingen van minstens twee voertuigen. Gebruik het aantal voertuigen daarom naast het aantal passages, en controleer de overige voorwaarden op de resultatenpagina. De kaartknoppen voor zoomen, volledig scherm, Fit to data, zwart-wit, achtergrondlagen en zoeken werken zoals op de kaartweergave; zoeken verplaatst de kaart en verandert de filters niet.

Dekkingsgegevens exporteren

Met het download-icoon 18px|link= in de filterbalk (Download data as CSV) downloadt u de dekkingsgegevens. Kies in de downloadkeuze het benodigde bereik en, waar aangeboden, het weg- of segmentniveau. Een aanwezige getekende regio kan het exportbereik beperken. Controleer de selectie en wacht tijdens de voorbereiding op de voortgangsindicator.

Ritten en meetvloot

Ritten raadplegen en downloaden

Als uw account toegang heeft tot Trips, kan u ritten onder PAVEsense opzoeken en filteren op een weg of segment. U kan ook vanuit de dekkingskaart rechtstreeks naar de ritten bij een locatie gaan. Zo onderzoekt u welke ritten bij een passageoverzicht horen.

  1. Open de ritten vanuit de dekkingskaart of via PAVEsense → Trips.
  2. Beperk de lijst tot de weg of het segment dat u onderzoekt en controleer de selectie.
  3. Start de beschikbare ritdownload. Kies in de downloaddialoog de gewenste revisie wanneer er een revisiekeuze wordt aangeboden; de download gebruikt die versie van de ritbestanden.

Bij een locatie met veel passages kan de maximale hoeveelheid gegevens die de dienst teruggeeft bereikt worden. Het portaal toont daarvoor een waarschuwing. Behandel de weergegeven lijst dan als mogelijk onvolledig en baseer geen totaalconclusie op die lijst. Beperk de selectie waar mogelijk of vraag ASAsense om hulp als u alle ritten nodig hebt.

Meetvloot en ondersteuning

Voor gebruikers met de passende rechten staan Devices (sensoren), Vehicles (voertuigen), Device Handlings (handelingen aan sensoren) en Interventions samen onder PAVEsense. Gebruik het kruimelpad om tussen deze overzichten te navigeren. Vermeld bij een vraag over een toestel of rit de bijbehorende identificatie.

ASAsense-support kan deze gegevens en uw gebieden en meetdekking raadplegen, en notities en installatiegegevens corrigeren. Die ondersteuningsrol kan geen toestellen, voertuigen, handelingen of interventies aanmaken of verwijderen. Daardoor kan support veel vragen rechtstreeks onderzoeken met beperkte wijzigingsrechten.

De verwerking van meetgegevens is beter bestand tegen verbindingsonderbrekingen: ontvangst wordt pas bevestigd nadat de gegevens veilig zijn opgeslagen. Dit helpt verlies bij opnieuw verbinden te voorkomen. Het is geen bevestiging dat elke straat al voldoende metingen heeft; gebruik daarvoor de dekkingskaart en de convergentiestatus.

Tips en veelgestelde vragen

Welke parameter gebruik ik om het onderhoud te plannen?
Gebruik Macro2 om versleten toplagen op te sporen en Driving Quality of eIRI om de algemene rij- en wegkwaliteit te beoordelen, inclusief mogelijke problemen in de fundering. Sorteer in de tabel of filter op de kaart en onderzoek de geselecteerde locaties verder.
Waarom heeft een straat geen waarden of het label ESTIMATE?
Er kunnen te weinig bruikbare metingen zijn of de resultaten voldoen nog niet aan de convergentiecriteria. Controleer Coverage, de meetperiode en de convergentiestatus. Textuurindicatoren van nieuwe sensoren vereisen eerst kalibratie; eIRI kan zonder die wachttijd na de reguliere verwerking beschikbaar zijn.
Hoe vergelijk ik de toestand met vorig jaar?
Open de detailpagina en bekijk de maandgrafieken, of kies op de kaart onder Month een oudere maand. Een historische detailpagina draagt het label Legacy Recording. Vergelijk dezelfde parameters en schalen, en controleer convergentie en meetperiodes. Voor verdere analyse kan u beide maanden exporteren.
Waarom wijkt het wegdektype op de detailpagina af van het maandrapport?
De detailpagina toont de actuele geldende annotatie; het maandrapport is een momentopname van de eerste dag van de maand. Beweeg over ANNOTATED om de annotatiedatum en de waarde uit het maandrapport te zien.
Kan ik enkel mijn eigen wegen bekijken?
Filter op Authority in de tabel of op Road Authority op de kaart. Controleer bij dekkingsstatistieken ook de afbakening onder Show area.
Het wegdektype van een straat klopt niet. Hoe corrigeer ik dat?
Voeg een annotatie van het type Surface toe met het juiste type en de juiste ingangsdatum. Dit kan op de detailpagina of voor een selectie via tabel of kaart. De geldende annotatie krijgt voorrang op de automatische schatting.
Ik heb per vergissing een groep annotaties toegevoegd.
Open Annotation edits, controleer de betrokken locaties en draai de bewerking terug. Controleer daarna welke waarde op een betrokken detailpagina geldt.
Ik vind een weg via de zoekbalk maar zie geen meetresultaat op de kaart.
Zoeken verplaatst de kaart; actieve filters blijven gelden. Controleer de maand, filters, het detailniveau en of er gegevens beschikbaar zijn.
Waarom ziet de kaart er tijdens het laden nog hetzelfde uit?
De kaart blijft zichtbaar terwijl ontbrekende gegevens worden opgehaald. De laadindicator laat zien dat dit nog bezig is. Wacht tot het laden klaar is voordat u de nieuwe weergave beoordeelt.
Mijn Excel-export is te groot. Wat nu?
Kies CSV of beperk het exportbereik. XLSX heeft een maximum van 1.048.576 rijen; een rekenbladprogramma kan bij het openen van CSV dezelfde limiet opleggen. Gebruik voor grotere bestanden een geschikte GIS- of analysetoepassing.
Zijn mijn scans weg als de PAVEscan-lijst niet kan worden geladen?
Die melding duidt op een probleem bij het ophalen van de lijst en bewijst geen gegevensverlies. Probeer later opnieuw en geef een aanhoudende melding door aan ASAsense.
Kan ik alle ritten tellen uit de lijst bij een locatie?
Niet als er een waarschuwing staat dat de opvraaglimiet bereikt is. De lijst kan dan onvolledig zijn. Beperk de selectie of vraag ondersteuning.

Contact

Voor vragen over het portaal, bijkomende exportmogelijkheden (WMS/WFS), extra gebruikers of nieuwe meetgebieden kan u terecht bij ASAsense via info@asasense.com.

Vermeld bij een vraag over resultaten de gebiedsnaam, weg- of segment-id, geselecteerde maand en Data version. Voeg bij een foutmelding de exacte tekst en de handeling toe waarbij ze verscheen. Vermeld bij ritten of toestellen ook de rit- of toestelidentificatie. Zo kan support dezelfde situatie gericht onderzoeken.